Churchill, Roosevelt & Stalin

In 1945 proostten Churchill, Roosevelt en Stalin in Jalta op hun nakende gezamenlijke overwinning op de nazi’s. Hoe broederlijk was die toost? Wie manipuleerde wie? Historicus Laurence Rees reconstrueerde de onderlinge verhoudingen tussen ‘de Grote Drie’. “Churchill en Roosevelt waren heimelijk jaloers op Stalins absolute macht.”

De val van de Berlijnse Muur in 1989 was voor de Britse historicus, journalist en documentairemaker Laurence Rees het begin van een jarenlange odyssee doorheen Rusland en Oost-Europa. Hij interviewde er tientallen Rode Legerveteranen en voormalige geheim agenten die actief waren tijdens de Tweede Wereldoorlog. “Zolang de communisten de macht in handen hadden, kon niemand een zinnig woord schrijven over de politiek en de rol van de voormalige Sovjet-Unie tijdens WO II”, zegt Rees. “Alle archieven waren gesloten en het was onmogelijk om met getuigen te praten. De val van de Muur zorgde voor een radicale verandering.”

Laurence Rees verzamelde een schat aan nieuwe informatie waardoor hij de ‘intieme’ verhoudingen gedetailleerd in kaart kon brengen tussen ‘de Grote Drie’: Sovjetdictator Jozef Stalin, de Britse premier Winston Churchill en de Amerikaanse president Franklin Roosevelt. Hij schreef er het fantastische World War II: Behind Closed Doors over en bewerkte het boek tot een zesdelige BBC-documentairereeks.

Katyn

Laurence Rees start zijn boek met de boude stelling dat voor miljoenen mensen achter het IJzeren Gordijn de Tweede Wereldoorlog niet in 1945 eindigde, maar in 1989 met het einde van het communisme. Rees: “Als je ervan overtuigd bent dat het einde van de oorlog eindelijk ‘vrijheid’ bracht voor de landen die onder de nazibezetting gebukt gingen, volgde de bevrijding voor de landen van het voormalige Oostblok pas 45 jaar later. In 1945 ruilden ze de ene tiran in voor de andere.

Ik ben opgegroeid in de zeventiger jaren. Op school leerde ik in de lessen geschiedenis dat de Tweede Wereldoorlog een morele oorlog was, die draaide om het verslaan van het grootste kwaad dat de wereld ooit gezien had. Onze leerkrachten focusten op de slag om Duinkerken, D-Day en op de dappere Britten die steeds verder oprukten en dat arme België en Frankrijk bevrijdden. Dag na dag werd ons ingelepeld: ‘My goodness, wat zijn wij toch een fantastisch volk!’ Ook al waren we het Empire kwijt, op moreel vlak bleven we onovertroffen. Natuurlijk schonken onze leerkrachten af en toe aandacht aan bondgenoot Stalin, maar die geschiedenis deed niet echt ter zake. Ik beweer niet dat onze lessen geschiedenis helemaal bij het haar getrokken waren – niemand ontkent dat er dappere soldaten vochten in Duinkerken of op de stranden van Normandië – maar de nobele Britse strijd is maar een klein deeltje van de hele waarheid. Pas toen ik films over WO II begon te maken en in contact kwam met mensen uit het oosten, besefte ik hoe gekleurd onze visie al die jaren geweest is. De Polen kijken totaal anders tegen de oorlog aan. Ze hebben enorm geleden onder het communistische juk. Voor hen kwam de bevrijding in 1989. De Baltische staten kregen hun vrijheid in de vroege jaren negentig. Ze zijn nog steeds bang van de Russen. Het hoeft ons dan ook niet te verbazen dat al die ex-oostbloklanden dolgraag bij de NAVO willen.”

De Duitsers vielen op 1 september 1939 West-Polen binnen. De Russen vielen twee weken later Oost-Polen binnen. De inval van de Russen lijkt uit ons collectieve geheugen gewist?

REES: Ja, en dat is heel bizar. Wij verklaarden de oorlog aan de Duitsers omdat ze op 1 september 1939 het westen van Polen waren binnengevallen. Als gevolg van een niet-aanvalspact dat Stalin een maand eerder met Hitler sloot, viel hij op 17 september 1939 het oosten van Polen binnen. De Duitsers namen de ene helft, de Russen de andere. Op 3 september verklaarden De Britten en de Fransen de oorlog aan Duitsland. Toen Stalin ‘zijn’ deel van Polen annexeerde, reageerde niemand. Tot op de dag van vandaag hebben de Polen dat bezette land nooit terug gekregen. Die 17e september schoof de grens tussen Polen en de Sovjet-Unie bijna 200 kilometer op. De Sovjets gedroegen zich afschuwelijk in Oost-Polen. Er werd verkracht, gemarteld, eigendommen werden ingepikt, mensen werden opgesloten en vermoord, met als trieste ‘hoogtepunt’ de slachtpartij van de officieren in Katyn. Op het einde van de oorlog mocht Stalin van Churchill en Roosevelt ‘zijn’ stuk van Polen houden.

U hebt voormalige officieren en soldaten uit het Rode Leger geïnterviewd over hun strooptochten door Polen. Was het moeilijk om hen aan de praat te krijgen?

LAURENCE REES: Soldaten en officieren van het Rode Leger en ex-agenten van de geheime dienst NKVD lieten verbazingwekkend snel het achterste van hun tong zien. Het was veel gemakkelijker om hen te interviewen dan voormalige nazi’s. Mijn gesprekspartners praatten vrijuit over hoe ze mensen gemarteld hebben en gaven me inzage in de meest afschuwelijke vormen van repressie. Het was een fluitje van een cent om iemand te laten vertellen: “We sloten hen op en sloegen hen tot bloedens toe.” Slechts één onderwerp bleef taboe: verkrachting. Terwijl ik er zeker van ben dat onwaarschijnlijk veel soldaten van het Rode Leger zich bezondigd hebben aan verkrachtingen. Ik heb twaalf jaar lang intensief met soldaten en NKVD-agenten gesproken. Als het onderwerp verkrachting ter sprake kwam, kropen ze in hun schulp. Na veel aandringen gaven ze toe dat een paar van hun vrienden zich daar schuldig aan gemaakt hadden. Maar zij? Nooit.

Net zoals ik op school leerde dat de Britten een nobele, morele kruisvaart voerden, leerden de Russen over de immense opofferingen van hun jongens. Alle Russen hebben geleerd dat die offers nooit eerder in de geschiedenis van de mensheid vertoond zijn. Net als in alle grote nationale mythes zit er waarheid in dat ‘geloof’. Er bestaat geen twijfel over dat de Sovjets het meeste aantal mensen opgeofferd hebben. Maar dat geeft hen niet automatisch het recht op het statuut van ‘heilig boontje’.

De massamoord in Katyn loopt als een bloederige rode draad doorheen uw boek.

REES: Katyn is de kanker die doorheen de relaties loopt tussen Roosevelt, Churchill en Stalin. Het is exemplarisch voor de problemen die je op je nek haalt als je afspraakjes met een monster maakt om een ander monster te verslaan.

Op 5 maart 1940 tekende Stalin hoogstpersoonlijk het doodvonnis van meer dan twintigduizend prominente burgers uit Oost-Polen, de meerderheid officieren uit het Poolse leger. In ’43 kwamen de moorden aan het licht toen de Duitsers een massagraf ontdekten in het woud van Katyn. De nazi’s schakelden die ontdekking in hun propagandaoorlog in. De Britten en Amerikanen minimaliseerden de slachtpartij in Katyn om Stalin toch maar niet voor het hoofd te stoten.

Ik heb lang gedacht dat de misdaden van de Sovjets in Polen een gevolg waren van wat de nazi’s hen hadden aangedaan – een illustratie van de Bijbelse wijsheid: ‘Wie wind zaait, zal storm oogsten.’ Maar die uitleg houdt natuurlijk geen steek voor wat ze in Polen in 1939 en ’40 aangericht hebben. Want toen gold het niet-aanvalspact met de nazi’s. En toch gedroegen de Sovjets zich als echte beesten. Of dat een gevolg was van het stalinisme? De 19e-eeuwse tsaar Nicolaas I hield ook al van een flinke portie wreedheid. Wij Britten waren ook niet zo lief tegen de Noord-Ieren, en de Belgen hebben in Congo menige arm afgehakt. Natuurlijk was het geen lachertje om in de Sovjet-Unie onder het juk van Stalin te moeten leven. Er was geen enkele vorm van vrije meningsuiting; het regime was uitgesproken antireligieus, tegen elke vorm van individuele expressie, tegen alles wat het leven de moeite maakt om geleefd te worden.

Met Stalin als oppermachtige psychopaat?

REES: Dat beeld van Stalin als psychopaat leeft bij veel mensen, maar is een grote misvatting. Churchill en Roosevelt stonden oorspronkelijk erg sceptisch tegenover Stalin. Hun scepticisme verdween nadat ze hem ontmoet hadden. In de omgang bleek hij niet het monster te zijn dat ze in gedachten hadden. De toenmalige Britse minister van Buitenlandse Zaken Anthony Eden ontmoette Stalin in december 1941. Naderhand schreef hij: “Ik probeerde me tijdens onze ontmoeting Stalin voor te stellen, druipend van het bloed van zijn vijanden, maar dat lukte gewoon niet.”

Churchill schudde de Sovjetdictator voor het eerst de hand in augustus ’42. Achteraf jubelde hij: “Stalin is een grote mijnheer!” Stalin verschilde totaal van Hitler of Mussolini. Britse politici hadden die laatste twee voor de oorlog ontmoet en catalogeerden hen onder het hoofdstuk ‘monster’. Op een meeting met Hitler kon niemand een woord inbrengen. Zijn architect Albert Speer vertelde daarover: “Je liet een trefwoord vallen, en de Führer was voor uren vertrokken. Je kon er geen speld meer tussen krijgen.” Als je zei: “Wel, de joden…”, reageerde de Führer met: “Joden!” En weg was hij voor een tirade van een half uur tegen de joden. Stalin gedroeg zich totaal anders. Hij zei niet veel – hij luisterde.

Stalin was een intense, intelligente luisteraar, met een cynisch gevoel voor humor. Churchill en Roosevelt voelden zich heimelijk tot hem aangetrokken. Ik wil niet suggereren dat Churchill en Roosevelt in het diepste van hun gedachten de democratie wilden elimineren, maar ze vonden het opwindend om te kunnen wheelen and dealen met een man die niet verkozen moest worden, en die gewoon kon zeggen: “Weet je wat? Maak ze allemaal af.” De immense persoonlijke macht van Stalin wond Churchill en Roosevelt op. Er is die veelzeggende dialoog tussen Churchill en Stalin op de conferentie van Potsdam in 1945. Omwille van de verkiezingen moet Churchill terug naar Groot-Brittannië. Hij is bang dat hij niet opnieuw verkozen zal geraken. Stalin zegt tegen hem: “Je zou die verkiezingen beter afschaffen.” Stalin had dat aura van stille, immense macht rond zich hangen. En hij was duidelijk niet gek.

Maar hij joeg wel miljoenen mensen over de kling.

REES: Hij moordde omdat hij in dingen geloofde. Veel misdaden in de geschiedenis zijn een gevolg van het geloof en het idealisme van mensen. Net als Hitler geloofde Stalin in idealen. Stalin is geen dictator zoals Saddam Hoessein, die mensen uit hebzucht liet opruimen. Stalin stuurde meubels uit zijn appartement in het Kremlin terug omdat ze te nieuw waren. Hij zag er uit als een schooier en bezat amper drie kostuums. Hij was niet geïnteresseerd in het materiële. Hij deed zijn job uit overtuiging; hij was een ‘gelovige’. En hij telde veel volgelingen, ook hier in Groot-Brittannië.

Duivelspact

Voor communisten in het westen moet het een zware schok geweest zijn toen Stalin zijn pact met de nazi’s sloot.

REES: De vergaderingen van de Britse communistische partij verliepen toen erg moeilijk. Maar als communist geloofde je in idealen, en geloofde je in vadertje Stalin. “Kameraad Stalin heeft toegang tot informatie die wij niet kennen. Er moet dus wel een goede reden zijn voor dat pact met Hitler. Laten we hem steunen.” Het geloof in Stalin was een vorm van religie. Vervang ‘kameraad Stalin’ door God: ‘Ik weet niet waarom God zo’n pact sluit. Maar ik geloof, dus zal er wel een reden zijn waarom Hij dat doet.”

Sommige historici zijn ervan overtuigd dat loyaliteit belangrijk was voor Stalin. Ik geloof daar geen snars van. Hij is de meest eenzame mens die ooit geleefd heeft. Na de zelfmoord van zijn vrouw heeft hij nooit nog een betekenisvolle intieme relatie met iemand gehad. Zijn minister van Buitenlandse Zaken Vyacheslav Molotov heeft Stalin altijd loyaal en trouw gediend. Op het einde van de oorlog behandelde Stalin hem als een stuk vuil. Molotov was getrouwd met Polina Semyonovna en stapelzot verliefd op haar. Stalin vertrouwde haar niet, liet haar oppakken en verbannen. Vervolgens gooide hij Molotov uit het Politburo.

Stalins pact met Hitler uit 1939 ging wel erg ver: u beschrijft hoe hij materiële hulp offreerde aan de Duitsers.

REES: Veel mensen weten dat niet. Dit is nieuw materiaal. Stalin hielp Hitler economisch en militair. Zo kregen de Duitsers een bevoorradingsbasis in Moermansk. Een recent ontdekt officieel document citeert de woorden van Stalin aan de nazi-onderhandelaar Joachim von Ribbentrop in september ’39: “We zullen het Duitse leger komen helpen als het in de problemen zit.”

Toen Stalin zijn ‘duivelspact’ met Hitler sloot, gokte hij erop dat de Führer hem met rust zou laten. Dat was een serieuze misrekening?

REES: Vanuit Stalins oogpunt was de deal met de nazi’s pragmatisch en voor de hand liggend. Ze verdeelden Polen onder elkaar, in ruil lieten ze elkaar met rust. Niemand geloofde dat de nazi’s in staat waren om de Fransen, de Belgen en de Nederlanders in de pan te hakken. Het Duitse leger was helemaal niet geniaal, superbewapend en technologisch hoogstaand. In die tijd hadden de Britten en de Fransen meer tanks dan de Duitsers. De nazi’s hebben toen ontzettend veel geluk gehad. Tezelfdertijd waren ze zeer gedisciplineerd en geloofden ze in hun idealen.

Stalin had niet verwacht dat de Duitsers zo snel succes zouden boeken en kon eerst niet geloven dat de Fransen zich overgaven. Iedereen was stomverbaasd dat Hitler de klus in zes weken klaarde. Op 22 juni 1941 viel de Führer de Sovjet-Unie binnen. Zijn generaals dachten: “Dit wordt even gemakkelijk.” Ze hebben er zich flink aan mispakt.

Groot klein kind

Uit uw boek komt Winston Churchill naar voor als een vat vol emoties.

REES: Als ik naar oud filmmateriaal van Churchill kijk, krijg ik altijd het gevoel dat ik naar een acteur zit te kijken die een slechte vertolking van Churchill geeft. Winston Churchill was zo over the top. Je zou hem willen laten stoppen, en vragen om het nog eens opnieuw te doen, met minder overdrijvingen.

Winston Churchill was immens charismatisch, met grote ups en diepe downs. Hij gedroeg zich vaak kinderachtig verveeld. Hij was open, bombastisch… Hij droomde er echt van om een grote historische figuur te worden.

De eerste ontmoeting tussen Churchill en Stalin in Moskou in augustus ’42 was een heel bijzondere gebeurtenis.

REES: Churchill gedroeg zich toen echt als een groot klein kind. Hij raakte helemaal over zijn toeren toen Stalin de Britten ervan beschuldigde dat ze de Russen in de steek lieten in de strijd tegen de nazi’s. “Beseft die boer niet dat hij te maken heeft met de eerste minister van het Britse Rijk?” brieste hij. Churchill was in zijn trots gekrenkt en wilde niet naar een galadiner dat de Sovjets ter zijner ere hadden georganiseerd. Na veel aandringen van zijn diplomaten ging hij uiteindelijk toch. Uit protest kleedde hij zich in plaats van in smoking in een idiote overall. Hij wou het liefst terug naar Groot-Brittannië stormen, omdat hij vond dat Stalin hem niet met het juiste respect behandelde. Op de laatste avond trakteerde Stalin uitgebreid met wodka. Churchills stemming draaide helemaal om. Na die zuippartij was Stalin plots weer de bovenste beste. Churchill zocht gevoelens in Stalin die de man gewoon niet bezat. Voor Churchill waren vriendschap, liefde en gevoel alles. Hij zat voortdurend te janken. Hij voelde alles. Stalin voelde helemaal niets. Maar Winston Churchill wou zo graag zijn vriendje zijn.

Wat voor een politicus was Franklin Roosevelt?

REES: Roosevelt vertelde nooit iets aan iemand. Hij bracht zijn eigen minister van Buitenlandse Zaken amper op de hoogte van wat er allemaal gebeurde – hij communiceerde zelfs niet met zijn vrouw over politiek. Tegen zijn minister van Financiën zei hij: “Ik laat mijn linkerhand nooit weten wat mijn rechterhand doet.” De Britten vonden het afschuwelijk om zaken met hem te doen. “Dankzij Roosevelt is het chaos in het Witte Huis”, zegden ze.

Roosevelt hield geen dagboek bij, geen notities, niets. Hij vertelde nooit iemand de volledige waarheid. Daardoor is het voor een historicus extra lastig om te achterhalen wat er in de man omging en wat zijn achterliggende motieven waren. Ik vermoed dat Roosevelt bij al zijn beslissingen opportunistisch rekening hield met het effect dat ze in Amerika konden hebben. Op het einde van de oorlog beloog en bedroog hij de Polen. Hij probeerde hen te doen geloven dat hij er niet mee instemde dat Stalin Oost-Polen mocht houden. Hij nam Stalin in vertrouwen en vertelde hem waarom hij de Polen beloog: “Er zijn miljoenen Poolse inwijkelingen in Amerika die in de verkiezingen van ’44 tegen mij kunnen stemmen.” Roosevelt was een opportunist, maar tezelfdertijd merkwaardig genoeg ook een visionair, want per slot van rekening is hij degene die de Verenigde Naties gecreëerd heeft.

Laurence Rees, geboren in 1957 

–          Rees is historicus, journalist en creatief directeur van de geschiedenisprogramma’s van de BBC

–          Hij maakte talloze bekroonde documentaires over de Tweede Wereldoorlog en schreef er zeven boeken over.

Laurence Rees. World War Two. Behind Closed Doors. Stalin, the Nazis and the West. BBC-Books. 442 blz. 21,15 euro.

 

©Jan Stevens

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s