“Veel vrijwilligers in asielcentra zijn vermomde salafisten”

De voorbije tien maanden leefde de Duitse journalist Shams Ul-Haq als vluchteling in enkele Europese asielcentra. Wat hij zag en meemaakte, zorgt voor schokgolven. “IS heeft de vluchtelingenstroom geïnfiltreerd.”

 

In oktober 2015 dook de Duits-Pakistaanse journalist en terreurexpert Shams Ul-Haq (40) voor het eerst vermomd als vluchteling onder in een asielcentrum. Een maand eerder had bondskanselier Angela Merkel nog middenin de grote asielcrisis rustig en beheerst verklaard: “Wir schaffen das.” “Frau Merkel heeft het hart op de juiste plaats, maar toen verkocht ze quatsch”, zegt Haq. “Nog voor haar beruchte uitspraak zag ik al dat we het helemaal niet konden bolwerken. Merkel poseerde met vluchtelingen voor de ene selfie na de andere. Sociale media en WhatsApp deden de rest: Syrische families vluchten nog steeds bij voorkeur naar Duitsland, omdat ze verwachten er met open armen ontvangen te worden.”

We zitten in de ontbijtruimte van een Berlijns hotel, op een steenworp van het grote asielcentrum Lageso op de oude luchthaven Tempelhof waar Shams Ul-Haq begin dit jaar wekenlang als de vluchteling Ahmad Wakar uit Pakistan verbleef. De voorbije tien maanden kroop hij in de identiteiten van onder anderen de Indische vluchteling Ahmad Raja en de Pakistaanse asielzoeker Jamal Ahmad om undercover de sfeer op te snuiven in asielcentra in Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland en Turkije. “De Turkse vluchtelingenkampen zijn de smerigste”, zegt hij. “Ik heb een tijd ondergedoken gezeten in een kamp in het Aziatische deel van Istanboel. Een levensgevaarlijke plek. Het is er koud, nat, met hondsbrutale bewakers die het geweld niet schuwen. Overleven is er een kunst.” Ul-Haq nam foto’s en maakte filmpjes van mishandelingen in niet enkel Turkse, maar ook in Europese vluchtelingenkampen. Daarnaast legde hij bloot hoe salafistische en jihadistische ronselaars op subtiele wijze de zieltjes van pas aangekomen vluchtelingen trachten te winnen. Zijn reportages zorgen tot vandaag voor schokgolven in zowel Duitsland, Oostenrijk als Zwitserland.

Shams Ul-Haq kwam in 1990 zelf als vijftienjarige Pakistaanse vluchteling Duitsland binnen. “Samen met twee neven kwam ik zo in een asielcentrum in Frankfurt terecht”, vertelt hij. “Mijn ouders bleven achter. Mijn vader was een straatverkoper. Ze waren doodarm.” Shams werd naar het Westen gestuurd om voor de familie in Pakistan te zorgen. De welbewuste keuze voor Duitsland was een gevolg van de val van de Muur in 1989: de familie Haq verwachtte dat de Duitse economie door de hereniging weldra zou boomen.

 

Hoe was de sfeer toen u hier aankwam?

Shams Ul-Haq: “In 1990 waren vluchtelingen nog een curiosum. Nu overheerst de angst en de grimmigheid; toen was alles cool en relaxed. We werden opgevangen in een centrum in Frankfurt waar iedereen vrij in en uit kon. Van zodra een vluchteling een legitimatiebewijs had, mocht hij gaan en staan waar hij wou. De enige regel was dat hij ’s avonds in het centrum moest komen slapen, ondertussen kon hij zijn nieuwe leven beginnen opbouwen. In Duitsland zijn de regels voor vluchtelingen vandaag veel strenger, zo moeten ze ook overdag op bepaalde tijdstippen in het centrum aanwezig zijn. Niet lang na aankomst kon ik bij een tante terecht die hier al woonde. Dat was een groot voordeel. Een week na mijn asielaanvraag zat ik op school. Geen opvangklas voor vluchtelingen, maar een échte klas. Ik werd middenin het normale Duitse schoolleven gegooid, heb toen even gepanikeerd, maar maakte snel vrienden en voelde me na een paar maanden als een vis in het water. In afwachting van mijn naturalisatie werkte ik als lasser, chauffeur, privédetective en autoverkoper. In 2001 kreeg ik de Duitse nationaliteit. De aanslagen van 9/11 in datzelfde jaar grepen me enorm aan. Ik ben zelf moslim en werd misselijk toen ik de beelden zag van die vliegtuigen die zich in de Twin Towers boorden. Het besef groeide dat ik dringend iets moest ondernemen tegen de onwetendheid en het onbegrip in onze samenleving.”

 

Dus werd u journalist.

“Ja. Mijn allereerste interview was met wijlen Benazir Butho, toen nog de Pakistaanse premier. In 1990 werd ik hier op een voorbeeldige wijze opgevangen. Ik zie het daarom als mijn plicht om ook mijn bijdrage te leveren aan een veiligere en betere Duitse samenleving. Het undercoverwerk in asielcentra is mijn kleine bijdrage.”

 

Het eerste centrum waarin u onderdook was in Offenbach vlakbij Frankfurt.

“Ik woon er in de buurt en ik ving geruchten op dat vluchtelingen er slecht behandeld werden. Als buitenstaander raak je een asielcentrum alleen binnen door de boel te belazeren. Ik heb een tiental valse vluchtelingenpapieren, telkens onder een andere identiteit. De échte problemen in een asielcentrum leer je alleen kennen door als vluchteling onder de vluchtelingen te leven. De eerste week in een centrum probeer ik vooral niet op te vallen. Ik ga op in de groep en slaap, praat, eet en denk net als alle anderen. Daarna begint het echte werk. Over mijn eerste undercoveroperatie schreef ik een grote reportage voor de regionale krant Offenbach Post. Meteen na publicatie kreeg ik telefoon van de burgemeester van Offenbach, Herr Schneider. Hij klonk wanhopig: ‘Dit is mijn stad, en ik weet niet eens wat er misgaat in het asielcentrum.’”

 

Wat ging er dan mis?

“Het was overbevolkt, het eten liet te wensen over en de toiletten waren afschuwelijk. Niemand had privacy. Er zaten vooral jonge vluchtelingen en oudere alleenstaande mannen. De directie en kampbegeleiding lieten toe dat er veel alcohol gezopen werd, waardoor vechtpartijen schering en inslag waren. Na mijn artikel is de burgemeester het kamp binnengegaan en heeft hij tegen de directie gezegd: ‘Zet orde op zaken, of ik sluit de boel.’ Niet veel later is het ook definitief gesloten. Weet u wat het grootste probleem van onze Duitse vluchtelingencentra is? Dat we in die centra zélf onze meest radicale islamisten kweken.”

 

Hoezo?

“De meeste Syrische vluchtelingengezinnen zijn van rijke afkomst: zij hebben het geld om tot in het Westen te geraken. Er zijn nu meer hoogopgeleide intellectuelen onder de vluchtelingen dan in mijn tijd. Zij verlieten hun land en komen na een levensgevaarlijke reis aan in een Duits kamp, omdat Frau Merkel zo vriendelijk was hen in de media welkom te heten. Maar dit land was daar niet op voorbereid. Al die families zitten in opvangcentra waar verveling heer en meester is. Ik weet niet hoe het bij jullie in België gesteld is, maar in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland is er in de asielcentra een stuitend gebrek aan bekwaam personeel. Behalve de salafisten en andere extremisten neemt niemand hun lot ter harte. De islamisten zeggen tegen de ontredderde, traditioneel gelovige vluchtelingen: ‘Kijk eens goed rond. Die Duitsers geloven in niets.’”

 

Salafisten namen ook uw lot ter harte?

“Ja. Begin dit jaar zat ik weken undercover in het asielcentrum in de vroegere luchthaven Tempelhof, hier vlakbij. Lageso-Tempelhof kan gerust model staan voor alle grote asielcentra van Europa. De mensen hebben er niets omhanden. Het is de gedroomde rekruteringsplek voor islamisten. In Tempelhof zitten de salafisten te wachten als roofvogels op hun prooi. Ze lopen er niet rond met lange baarden of gehuld in hun typische kledij. Ze zijn gladgeschoren en dragen doordeweekse kleren. Ze zijn lid van een hulpvereniging en werken in het kamp als vrijwilliger. De organisatie heeft uitstekende banden met de leiding van het centrum en haar vrijwilligers lopen er in en uit. Het personeel heeft niets in de gaten, maar na er weken als vluchteling te hebben geleefd, weet ik het honderd procent zeker: veel vrijwillige helpers zijn vermomde salafisten. Ze praten met de ontheemde vluchtelingen, winnen hun vertrouwen en nodigen hen na een tijd bij hen thuis uit voor koffie of thee. ‘Maak kennis met mijn familie en blijf eten.’ Stap na stap zuigen ze de vluchtelingen mee in hun rigide beleving van de islam. Na een tijdje beginnen ze te stoken tegen de ‘ongelovige Duitsers’.”

 

Toch niet alle salafisten zijn gewelddadig of dromen van de jihad?

“Het salafisme is een huis met vele kamers, maar of ze gewelddadig zijn of niet: hun ideologie is sluipend gif. Te veel jonge mensen laten er zich in Europa door verleiden. Salafisme is de eerste stap richting IS. De ronselaars spelen het zeer gewiekst. Natuurlijk zeggen ze niet tegen een radeloze vluchtelingenjongen uit Syrië: ‘Welkom bij IS.’ Ze winnen eerst zijn vertrouwen en beginnen dan met het injecteren van haat tegen het Westen en de Westerse waarden. ‘Duitsers zijn instrumenten van Satan.’

“Zeker het politieke salafisme moet verboden worden. Veel Europese moskeeën vormen broedhaarden van extremisme. De imams zijn sluw. Ze prediken op vrijdag niet: ‘Sluit je aan bij IS’, of: ‘Vermoord een priester in zijn kerk.’ Maar ze citeren wel uitvoerig de soera’s uit de Koran die door salafistische én jihadistische ideologen gebruikt worden. Van zodra er aanwijzingen zijn dat een moskee het salafisme ondersteunt of predikt, moet hij dicht.

“Niet alleen de salafisten, ook andere radicale moslimgroeperingen proberen in Europese asielcentra zieltjes te winnen. In het kamp van Eisenhüttenstadt vlakbij de Poolse grens maakte ik kennis met een groep gestaalde Tsjetsjeense moedjahedien die mannelijke vluchtelingen trachtten te ronselen. Jihadisten die in Tsjetsjenië gevochten hebben in en rond asielcentra laten rondlopen, is smeken om problemen. Ze hadden het hele kamp in hun macht. De vluchtelingen moesten een deel van hun geld aan hen afstaan. Ik heb die bedreigingen en transacties gefilmd. Pure maffia. Voor een aanslag zoals die in Ansbach waarbij een jonge geradicaliseerde vluchteling zichzelf opblaast, waarschuw ik al meer dan een jaar. Nu schrijven collega-journalisten: ‘Shams had gelijk.’ Ik wou dat het anders was, maar ik heb dus gelijk gekregen. (zucht) De aanslag op de kerk in Frankrijk en de aanslagen in München en Ansbach zijn nog maar een begin. De dader uit München had Afghaanse vrienden.”

 

Hij had toch niets te maken met jihadistische terreur?

“Er worden hem extreemrechtse motieven toegedicht. Wist u dat in Berlijn salafisten en neonazi’s van de Nationaldemokratische Partei Deutschlands (NPD) een duivelsverbond gesloten hebben om vluchtelingen voor zich te winnen? De Kriminalpolizei is dat nu aan het onderzoeken. Ik zag in Tempelberg met eigen ogen hoe neonazi’s en salafisten samen optrokken. Eén Afghaanse vriend van de dader uit München is gearresteerd; laat ons het verdere onderzoek maar afwachten. Misschien handelde hij niet voor rekening van IS, maar is hij wel besmet geraakt met het kwaadaardige haatvirus dat inherent is aan de salafistische ideologie. Al-Qaida en de Taliban vormen één front; nog verontrustender is dat IS en Al-Qaida weer samen door een deur lijken te kunnen.”

 

In september vorig jaar was ik in Erbil in Irak. De Syrisch-katholieke aartsbisschop van Mosoel leeft er in ballingschap. Hij vindt Europa naïef. Volgens hem is de vluchtelingenstroom geïnfiltreerd door IS.

“Hij heeft gelijk.”

 

Hij had het over 5.000 IS-strijders.

“Dat is niet overdreven. De vluchtelingenstroom van Syrië en Irak naar Europa was zowel voor Al-Qaida als voor IS een godsgeschenk. Ze hebben daar gretig gebruik van gemaakt.”

 

Veel terreurexperts hechten daar geen geloof aan. Volgens hen heeft IS alle strijders nodig in het kalifaat en is het risico te groot dat ze de overtocht niet overleven.

“Onzin. Voor jihadistische organisaties is de vluchtelingenstroom de beste manier om doorwinterde sleepers of slapende cellen Europa binnen te smokkelen. Nu wachten ze tot de tijd rijp is. Hun grootste probleem is geldgebrek. Ze moeten wapens kopen en chemicaliën verzamelen om bommen te maken. Gelukkig is de alertheid bij Europese inlichtingendiensten groot: als iemand stelselmatig scheikundige stoffen begint op te kopen, valt hen dat meteen op.”

 

Hebt u in asielcentra vermoedelijke sleepers ontmoet?

“Ik heb er mensen leren kennen van wie ik een zeer groot vermoeden heb dat ze sleepers zijn. Al zullen ze dat natuurlijk nooit zelf toegeven. In Duitse centra wordt geen halalvoedsel geserveerd. Voor strikt gelovige moslims is dat een probleem. Velen gaan ‘buiten’ eten. Ik ging vaak mee en haalde zo de banden aan. Het klinkt paradoxaal, maar veel ‘diepgelovigen’ zijn gek op drugs. Ik kocht cannabis voor vijf euro en bevoorraadde hen. Ze vonden dat niet gek: Pakistanen hebben nu eenmaal de reputatie drugdealers te zijn. ‘We are the best friends now’, zeiden ze. (lacht) Als je dag en nacht samen doorbrengt en vriendschap sluit, praten mensen soms hun mond voorbij, of tonen ze op hun smartphones filmpjes waarin zij de hoofdrol spelen. Ze deelden hun diepste overtuigingen met me. Ze vertrouwden me. Ik voel me nu niet geroepen om hen te verraden of over te dragen. Dat is mijn job niet als journalist. Ik meet de koorts in vluchtelingencentra, bericht daarover en stuur zo waarschuwingen de wereld in. De politie is verschillende keren bij me langs geweest. ‘Help ons alsjeblieft.’ Waarom zou ik? Ik ben geen informant: ik ben een journalist.”

 

Heeft de Duitse staatsveiligheid gepolst of u voor hen wou werken?

“Ja, ze hebben me dat zelfs schriftelijk gevraagd. Als ik dat doe, ben ik geen journalist meer. Ik weet dat de Oostenrijkse en Zwitserse politie naar aanleiding van mijn werk nu zelf undercoveragenten in de kampen hebben. In Zwitserland heb ik een tijd in het kamp van Kreuzlingen geleefd. Vluchtelingen werden er door de bewakers in elkaar geslagen. Wie te veel noten op zijn zang had, namen ze mee naar een aparte, speciaal ingerichte kamer. Ik heb daar opnamen van. Stel u voor: op de vlucht voor de oorlog in uw land komt u in Europa in een asielcentrum terecht waar de bewakers er een sport van maken om u op tijd en stond een flinke rammeling te geven. Zo creëer je als samenleving toch zelf je problemen? Als er dan in het centrum salafisten in de huid van ‘begripvolle helpers’ rondlopen, duw je de vluchtelingen toch zelf in hun armen?”

 

Als zoveel sleepers asiel gekregen hebben en in onze samenleving rondlopen, wil dat zeggen dat de screening niet deugt?

“Het klinkt als vloeken in de kerk, maar de identiteit van elke Syrische vluchteling die in Europa aankomt, moet gecheckt worden bij een Syrische ambassade of consulaat. De meesten hebben alleen een naam en geen papieren. 60 procent van de zogezegd Syrische en Irakese vluchtelingen komen binnen met valse namen. Er zitten flink wat Pakistanen, Iraniërs en Afghanen tussen. Het is echt niet moeilijk om aan vervalste documenten te geraken; met mijn voorraadje ben ik daar het levende bewijs van. De geheime dienst zou voldoende tijd moeten krijgen om verdachte ‘Syriërs’ en ‘Irakezen’ te screenen. In Duitsland ontbreekt die tijd nog steeds. Een deftige screening is er alleen als iemand ‘opvalt’. Dat is spelen met vuur. Een vluchteling met een crimineel verleden wordt aan de hand van zijn vingerafdrukken waarschijnlijk wel onderschept. De rest niet. In de asielcentra moeten dringend meer goed opgeleide maatschappelijk assistenten en psychologen aan de slag die voortdurend met de asielzoekers praten. Nu worden ze in een kamp gedropt en gebeurt er weken niets met hen. Ondertussen worden ze verleid door islamisten. Er moeten ook ‘undercovervluchtelingen’ ingezet worden die vooral alleenstaande vluchtelingen moeten proberen doorgronden.”

 

Klopt het dat er ook vluchtelingen in de kampen zitten die vochten in het leger van Assad?

“Ja, ik heb er zo een aantal leren kennen. Een van hen had nog een kogel van IS in zijn rug zitten. Toen ze asiel aanvroegen, hebben ze zich niet als soldaten of officieren van Assad voorgesteld, maar als gewone burgers op de vlucht voor geweld. Hun echte verhalen hoor je nooit na twee minuten. Vertrouwen winnen kost tijd. Soms duurt het weken.

“De christenen hebben het in de asielcentra het hardst te verduren. Hier in Berlijn worden ze geterroriseerd en gepest. Ik was zelf meermaals getuige hoe Syrische moslims de Iraanse christenen het bloed van onder de nagels pestten. Die Syrische moslims brengen alleen in de praktijk wat hun mullah hen opgelepeld heeft: ‘Christenen zijn ongelovige honden en mag je zo behandelen.’ Het is waanzin om christenen en moslims in deze omstandigheden samen te huisvesten.”

 

Hoe moeilijk is het om undercover een vluchtelingencentrum binnen te geraken?

“Het zal u niet lukken, u hebt er de looks niet voor. (lacht) Van elke vluchteling die Duitsland of eender welk ander Europees land binnenkomt, worden vingerafdrukken genomen. Dat systeem is waardeloos. Ik heb ondertussen in veel kampen gezeten, telkens weer werden mijn vingerafdrukken genomen en geen enkele keer begonnen de alarmbellen te rinkelen. ‘Hé, de afdrukken van die gast zitten al in het systeem.’ Geen enkele keer. Dat is toch onvoorstelbaar?”

 

U verblijft nog steeds undercover in asielcentra. Bent niet bang dat u ontmaskerd zal worden? In Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland stond uw foto in de kranten, u komt op tv.

“Vluchtelingen lezen geen Europese kranten. De Zwitserse autoriteiten hebben me twee keer aangeklaagd. Een keer voor ‘huisvredebreuk’ en een keer voor het ‘onrechtmatig maken van filmopnamen’. Ze moeten maar doen wat ze niet laten kunnen. Ik word afgedreigd door salafisten. Zij houden niet van me. (grijnst)

“Als ex-vluchteling kan ik het me permitteren om klaar en duidelijk te zeggen: vluchtelingen die criminele feiten plegen of gepleegd hebben, moeten meteen uitgewezen worden. Als een autochtone Duitser dat durft uit te spreken, krijgt hij het etiket ‘nazi’ of ‘islamofoob’ opgeplakt. Daarom wordt er in dit land vooral gezwegen. Voor een maatschappij is dat een ramp. Stel dat ik in 1990 in mijn huis in Pakistan een Duitser op bezoek gekregen had, die zou zeggen: ‘Voortaan wil ik hier blijven leven, maar wel volgens mijn regels.’ Dan had ik hem geantwoord: ‘Ben je gek? Je past je aan de regels van mijn land aan, anders kras je maar op.’ Ik kan dat hier nu vrij en vrank zeggen en van mij wordt dat ook geapprecieerd, maar voor een Duitser is dat not done. Ze willen o zo graag ‘zuiver’ blijven en slikken al hun frustraties over de vluchtelingenproblematiek in. Zolang niemand zijn mond durft te openen, etteren de problemen verder.”

 

De Franse oppositieleider Nicolas Sarkozy liet na de aanslag in de kerk weten dat hij voorstander is van huisarrest voor verdachte radicale moslims. Sommige Franse politici willen nog verder gaan: zij pleiten voor een ‘Frans Guantánamo’ waar verdachte islamisten kunnen worden opgesloten, ook als niet bewezen is dat ze plannen hadden voor een aanslag.

“Na wat er deze week gebeurd is, vind ik dat Sarkozy gelijk heeft. En ja, misschien moeten we ook zo’n kamp in overweging nemen. Mijn geboorteland Pakistan heeft onwaarschijnlijk veel mensen aan de terreur verloren: 60.000 mannen, vrouwen en kinderen lieten er het leven in aanslagen.”

 

Bent u bang dat Europa dezelfde weg opgaat?

“Ik denk niet dat er een bommencampagne zal volgen zoals in Pakistan of Irak, maar ik ben wel bang dat we in een soort van burgeroorlog terecht aan het komen zijn. Een burgeroorlog die niet gevoerd wordt met wapens, maar met haat. Ik vrees dat we nu al op weg zijn naar een samenleving waarin mensen elkaar hartsgrondig haten.”

 

 

 

Bio

Shams Ul-Haq

  • Geboren in 1975 in Pakistan als zoon van een doodarme straatverkoper
  • Werkte als kind zelf als verkoper op straat en verdiende zo 1 euro per dag
  • Werd in 1990 door zijn familie naar Duitsland gestuurd
  • Werd in 2001 genaturaliseerd tot Duitser
  • Werd door de aanslagen van 9/11 gedreven naar de journalistiek
  • Werkt o.a. voor nieuwszender N24, Die Welt en de Pakistaanse nieuwszender ARY
  • Werkt aan een boek over zijn undercoverwerk in asielcentra. Die Brutstätte des Terrors verschijnt in oktober

 

© Jan Stevens

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s