‘Donald Trump is de laatste grote stuiptrekking van het neoliberalisme’

Als we niet naar de haaien willen, moeten we het kapitalisme zo snel mogelijk inruilen voor een nieuw economisch model: de donut. Tenminste, dat predikt kersvers rockstereconoom Kate Raworth in haar bestseller Donutecenomie. “We moeten dringend van ons geloof af dat eeuwige groei de enige weg naar welvaart is.”

 

Sinds de publicatie van Doughnut Economics in april van dit jaar lijkt het leven van de 47-jarige Oxford-econome Kate Raworth op dat van een rockster. Nadat de Britse krant The Guardian haar uitriep tot ‘de Keynes van de 21e eeuw’, naar de 20e-eeuwse grote econoom John Maynard Keynes, groeide haar boek in een rotvaart uit tot een internationale bestseller. Raworth vertrok op een lezingentournee door Europa en Amerika die tot vandaag blijft voortduren. Nu ligt ook de Nederlandse vertaling Donuteconomie in de winkel. In haar boek schetst Raworth hoe we in zeven stappen ons dolgedraaid, allesverzengend en op eeuwige groei geconstrueerde kapitalisme kunnen ombouwen tot een duurzaam, mens- en planeetvriendelijk economisch model voor de 21e eeuw. Dat nieuwe model ziet eruit als een donut. Kate Raworth: “Mijn economie is circulair, wat wil zeggen dat er zo weinig mogelijk afval geproduceerd wordt, en is even rond als een donut. De buitenste cirkel vertegenwoordigt de ecologische bovengrens: alles wat daar aan economische activiteit buiten valt, schaadt onze planeet en ons welzijn. De binnenste cirkel staat voor de sociale ondergrens en geeft weer wat we minimaal nodig hebben om wereldwijd in de basisbehoeften van elke mens te voorzien. In de toekomst wordt het onze taak om onze industriële en economische activiteit binnen die twee cirkels van de donut te houden.”

Donuteconomie leverde Kate Raworth gejuich en handengeklap op van groene politici, ecologisten, milieu- en mensenrechtenactivisten, duurzame ondernemers en bezorgde burgers. Maar ze werd ook op hoongelach onthaald en als voormalig Oxfam-onderzoeker en lid van de Club van Rome afgeserveerd als ‘professionele alarmist’. Die kritiek glijdt van haar af als water van een eend. “Ik trek me op aan de vele enthousiaste reacties van mijn lezers”, zegt ze. “Het grote succes van mijn boek verbaast me. Dat kan er alleen op wijzen dat zeer veel mensen op dit moment hunkeren naar een beetje hoop. Als je de kranten leest, lijkt het alsof crisis onze normale staat van zijn geworden is. En de wereld wòrdt ook geteisterd door flink wat rampspoed met politieke instabiliteit, volksverhuizingen, overstromingen, droogte, bosbranden en andere kwalijke effecten van de klimaatverandering. Veel mensen hebben behoefte aan een positieve kijk op de werkelijkheid en verlangen naar een verhaal waar ze helemaal vòòr kunnen zijn, naar een zinvolle visie op de wereld.”

 

Die visie geeft u in Donuteconomie?

Kate Raworth: “Blijkbaar wel. (lacht) Oorspronkelijk wou ik laten zien wat er allemaal niet deugt aan de grondslagen van de klassieke economische theorie die vertrekt vanuit vraag en aanbod. Maar geleidelijk groeide het besef dat ik eigenlijk de kritiek van deze tijd aan het schrijven was. Tezelfdertijd drong het tot me door dat ik niet de enige was, maar dat zoveel andere mensen met precies hetzelfde bezig zijn. Vanuit verschillende disciplines vertellen we allemaal dat de omwenteling waar we voorstaan, even ingrijpend wordt als de Copernicaanse revolutie uit de 15e eeuw, toen het inzicht groeide dat de zon niet rond de aarde draaide, maar de aarde rond de zon. De Copernicaanse revolutie van vandaag is dat we door de penibele omstandigheden waarin we beland zijn, eindelijk gedwongen worden om de échte grondslagen van ons welzijn onder ogen te zien.”

 

En die grondslagen zijn?

Raworth: “Ik gebruik graag de metaforen van ‘de knikker’ en ‘de boon’ om te illustreren waar onze voorspoed in de 21e eeuw van zal afhangen. De kleine boon staat dan voor het vervullen van onze dagelijkse basisbehoeften aan voedsel, water, gezondheidszorg, huisvestiging, elektriciteit, onderwijs. Ze staat symbool voor het verzekeren van de gezondheid en het welbevinden van elk individu. De voorwaarden daarvoor staan netjes opgelijst in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, die volgend jaar haar zeventigste verjaardag viert. Maar ons welzijn hangt ook af van de knikker, die schitterende blauwe planeet die we in 1968 voor het eerst zelf konden zien op foto’s genomen door de Apollo 8-astronauten. Ons overleven en voortbestaan zijn onlosmakelijk verbonden met de planeet aarde. We varen wel met een stabiel klimaat, bloeiende biodiversiteit, overvloedig zuiver water, een bescherming biedende ozonlaag, propere oceanen en vruchtbare gronden. Zowel de knikker als de boon kunnen niet zonder elkaar: mensenrechten gedijen enkel op een gezonde planeet. De twintigste eeuw werd gedomineerd door geld als de maat voor het bepalen van ons succes: een steeds groter wordend bruto binnenlands product (bbp) stond synoniem voor vooruitgang. We zijn er volledig van doordrongen geraakt dat eeuwige groei de enige weg naar welvaart is. Dat geloof moeten we dringend afvallen. In de 21e eeuw zullen welvaart en voorspoed gekoppeld zijn aan het in balans brengen van de menselijke behoeften met de behoeften van de planeet. Dààr zal onze economie op gebaseerd moeten worden.”

 

Met alle respect, maar u vertelt toch niet echt iets nieuws?

Raworth: “Nee, en ik geef dat in mijn boek ook grif toe. De ecologische econoom Herman Daly zei in de jaren zeventig van de vorige eeuw net hetzelfde: ‘We moeten de economie als een ondergeschikt systeem van de aarde beschouwen.’ Decennia geleden al gingen feministische economen in tegen de fetisj dat de economie enkel draait op betaalde arbeid. Zij stelden dat zonder het onbetaalde huiswerk het hele systeem niet lang zou overleven. U hebt dus gelijk: mijn werk is niet nieuw. Maar misschien is het wèl mijn verdienste dat ik dit boek op het juiste moment geschreven heb. En dat ik de denkbeelden van ecologische, feministische en andere progressieve economen met elkaar verbind om de fundamenten van de neoliberale economie in vraag te stellen.”

 

Een van die fundamenten is hebzucht. ‘Greed is good’, het motto van Gordon Gekko uit Wall Street, lijkt na de verkiezing van de Amerikaanse president Donald Trump meer dan ooit alive and kicking. Inclusief het adagium van onbeperkte groei.

Raworth: “Spijtig genoeg wel, en dat geldt niet alleen voor Trump. Eigenlijk heeft zowat elke politicus uit om het even welke partij het voortdurend over ‘groei’. Telkens als ik zo’n man of vrouw weer eens dat woord op radio of tv hoor uitspreken, denk ik: ‘Bingo!’ Ze spinnen er wol omheen en hebben het over ‘slimme groei’, ‘duurzame groei’, ‘weerbare groei’, ‘inclusieve groei’, ‘kapitaalsgroei’… Maar groei is hun alfa en omega. Het bewind van Donald Trump beschouw ik als een van de laatste grote stuiptrekkingen van het neoliberalisme zoals dat mee door Margaret Thatcher en Ronald Reagan vormgegeven werd. Trump lijkt zelfs recht uit de late jaren vijftig naar 2017 gekatapulteerd te zijn met zijn rotsvaste geloof in de zegeningen van de ultravrije markt. In tegenstelling tot veel andere politici zet hij geen masker op en doet hij niet alsof hij duurzaamheid hoog in het vaandel voert. Hij is heel helder over zijn agenda: meer kolen, meer olie, minder regels, ongebreidelde groei en de pot op met al die groene watjes. In de sixties stelde John F. Kennedy de Amerikanen tot vijf procent groei in het vooruitzicht. Tijdens zijn verkiezingscampagne hamerde Trump voortdurend op groei en riep zo herinneringen op aan the good ol’ days onder Kennedy. Maar zestig jaar geleden leefden we echt in andere tijden. We kenden enkel de boon en hadden de blauwe knikker nog niet ontdekt. Silent Spring van Rachel Carson moest nog verschijnen, één van de eerste boeken waarin begin jaren zestig gewezen werd op de grote milieuschade veroorzaakt door de industriële ontwikkeling.

“Groei omwille van de groei is een heilloze weg: zo putten we alle reserves van onze aarde uit. Wat we nodig hebben, is een economie die drijft op gemeenschappelijk belang en niet op eigenbelang of hebzucht. De nieuwe digitale deeleconomie kan als voorbeeld dienen. Uw landgenoot Michel Bauwens leverde daar met zijn P2P-foundation pionierswerk voor. De open source-economie zoals hij die propageert, lijkt een beetje op het Wikipedia-model. De achterliggende gedachte is dat verschillende individuen meer weten dan één. Iedereen mag zijn bijdrage leveren en als iemand de bal misslaat of een fout maakt, wordt dat gecorrigeerd door anderen. Open source-software werkt net zo: op het net vind je nu onder andere fantastische tekstverwerkings- of fotobewerkingssoftware die gratis gedownload mag worden en die door de gemeenschap gebouwd, onderhouden en verfijnd wordt. Politici moeten dringend dat ongelooflijk krachtige digitale gemeenschapsmodel onder de loep nemen.”

 

Die digitale deeleconomie is er ook verantwoordelijk voor dat de jobs van steeds meer mensen in de echte wereld bedreigd zijn.

Raworth: “Het is zeker zo dat de digitale technologie op dit moment zeer verstorend werkt. Maar misschien heeft dat vooral te maken met wie er aan de knoppen zit. Ik geloof echt dat er een groot verschil is tussen digitale technologie in handen van mensen die het gemeenschapsbelang voor ogen hebben, en van technologie in handen van grote bedrijven en individuen die zoveel mogelijk macht en controle willen centraliseren. De nieuwe technologie zelf vormt geen aanleiding voor angst of vreugde, wel de doelen waarvoor ze ingezet en gebruikt wordt. Het lijkt nu inderdaad alsof nietsontziende spelers als Uber en Amazon zowat de hele digitale markt in handen hebben en zo de reële economie zwaar verstoren. Maar ik ben optimistisch en ik geloof nooit dat ze de eindwinnaars zullen zijn. Oké, ze hebben de eerste ronde gewonnen, maar het verzet groeit. Steeds meer mensen willen geen deel uitmaken van een Uber-maatschappij waarin het ieder voor zich is. De technologie die achter Uber schuilgaat, kan veel beter ingezet worden voor een digitaal platform dat gebaseerd is op samenwerking en niet op uitbuiting. Wat houdt ons tegen om een taxi-app te ontwikkelen waarbij de chauffeurs en de gebruikers baas zijn?”

 

Hebben we een revolutie nodig om het wilde kapitalisme te vervangen door uw donuteconomie?

Raworth: “De meest effectieve revolutie met resultaten op lange termijn is een evolutie. Maar die evolutie van een neoliberale naar een donuteconomie moet wel heel radicaal gebeuren.”

 

Is er nog tijd voor ‘evolutie’?

Raworth: “Hebben we nog tijd voor revolutie? Revoluties vernietigen het bestaande, zonder dat er iets zinvols in de plaats komt. Dingen kunnen soms verbazingwekkend snel evolueren en als die veranderingen zinvol lijken, zijn miljoenen mensen bereid om ze ook te aanvaarden. Een fantastisch voorbeeld is mobiele telefonie: het ontwikkelen van de technologie kwam er niet van vandaag op morgen, maar eens de gsm er was, werd hij wereldwijd een instant succes. In tegenstelling tot een halve eeuw geleden hebben we nu het internet en al die digitale platformen. De globale invloed daarvan mag u echt niet onderschatten. Zij maken het mogelijk dat nieuwe evoluties snel ingang vinden.

“Als we onze economie willen omvormen tot een donut, moeten we tijdens het hele overgangsproces altijd het ultieme doel van een duurzame, sociale en rechtvaardige samenleving voor ogen houden. Wat ik niet wil, is een hervormd soort kapitalisme. Je hoort nu pleidooien voor ‘groen kapitalisme’. Maar waarom moeten we dat typisch 20e-eeuwse begrip ‘kapitalisme’ blijven hanteren in een economisch model voor de 21e eeuw? Want zo stellen we de essentie van dat kapitalisme en zijn drang naar eeuwige groei niet in vraag. Weet u waar we wél een revolutie nodig hebben? In het onderwijs. De voorbijgestreefde economische theorieën over vraag en aanbod die nu onderwezen worden, moeten razendsnel vervangen worden door mijn model van de donuteconomie. En alle ‘ismes’ van de vorige eeuw, zoals dat kapitalisme en het socialisme, horen thuis in de geschiedenisboeken.”

 

Nogal wat jonge mensen zien wel nog brood in het socialisme dat u de vuilbak van de geschiedenis ingooit. Hoe is anders het succes van linkse krasse knarren als Jeremy Corbyn of Bernie Sanders te verklaren?

Raworth: “Ik betwijfel of hun succes iets met socialisme of marxisme te maken heeft. Het gaat over fundamentele menselijke waarden. Ook de kiezers van Corbyn of Sanders willen net als zoveel andere mensen een samenleving waar niemand gedwongen wordt om aan te schuiven aan de voedselbank voor eten voor hun kinderen. Moest Karl Marx terugkeren, zou hij zeer ongelukkig zijn over wat er van zijn marxisme geworden is. ‘Ismes’ helpen ons geen millimeter vooruit. Weg ermee.”

 

U mag het socialisme en kapitalisme dan wel doodverklaren, in een land als de VS zijn het de rijkste ondernemers en bankiers die met hun sponsorgeld onrechtstreeks bepalen welke president er in het Witte Huis zit. De regering Trump is een staalkaart van superrijk kapitalistisch Amerika.

Raworth: “Dat is een groot probleem. Tijdens de financiële crisis van 2008 namen bankiers van Goldman Sachs het financiële bewind in Amerika over. Ze werden binnengehaald door de toenmalige minister van Financiën Henry Paulson, een voormalig ceo van Goldman Sachs. Er is voor de Amerikaanse pers flink wat werk aan de winkel om de corrupte relaties bloot te leggen tussen de financiële wereld en politici van rechts én links. De geldstromen van ondernemers en bedrijven naar partijen en politici moeten volledig opdrogen.”

 

U bent er rotsvast van overtuigd dat uw donuteconomie het van het kapitalisme zal winnen?

Raworth: “Als we helemaal niets ondernemen, maakt mijn economisch model geen enkele kans. Politieke activisten als Naomi Klein en George Monbiot zijn mijn medestanders, samen met hen en veel anderen moéten we op dezelfde nagel blijven kloppen. Na een lezing krijg ik soms als opmerking: ‘O, I love your optimism.’ Ik kijk dan altijd heel verbaasd: ‘Heb ik gezegd dat ik optimist ben? Wees nooit een optimist om jezelf beter te voelen. En wees nooit een pessimist die een excuus zoekt om de handdoek in de ring te gooien. Wees een activist en vraag jezelf af wat jij kan doen om de transformatie mogelijk te maken.’ Het is hoog tijd voor actie. De klimaatverandering speelt zich voor onze ogen af en misschien is het zelfs al te laat. Maar als we helemaal niets doen, wordt de catastrofe alleen maar groter.”

 

Terwijl wij hier laadpalen, windmolens en zonnepanelen installeren en vegetariër of veganist worden, stikken de inwoners van een stad als Manilla in hun eigen smog en afval. Manilla is niet de enige miljoenenstad op deze planeet waar duurzaamheid en ecologie niet in het woordenboek staan. Dweilen wij zo niet met de kraan open?

Raworth: “Reden te meer om ook in landen als China, India of de Filippijnen hard en gepassioneerd actie te blijven voeren voor een duurzame industrialisering en verstedelijking. In sommige miljoenensteden in Azië worden nu de fundamenten gelegd voor de steden van de toekomst. Natuurlijk zijn er vreselijke uitwassen, maar je vindt er ook zeer hoopvolle projecten. Op veel plaatsen in de wereld moet de eerste steen voor nieuwe infrastructuur nog gelegd worden. Zij kunnen nog kiezen of ze transportsystemen rond de stad leggen om auto’s te vervoeren of mensen. De voorbije tweehonderd jaar hebben wij de luxe gehad om de vervuiling van onze industrialisering naar de rest van de wereld te transporteren. De wereld leek groot genoeg om onze vuiligheid te dumpen. China en India industrialiseren op het moment dat de draagkracht van de wereld zijn limieten bereikt heeft. Chinese burgers leven nu in de smog van hun eigen ontwikkelde industrie; Indië kampt in sommige staten met vreselijke droogte waardoor miljoenen mensen er aan het migreren zijn. De regeringen van die landen worden met hun neus op de feiten gedrukt: ze ondervinden de voor- en nadelen van industrialisatie en worden zo gedwongen om het roer radicaal om te gooien.”

 

Bent u ooit gevraagd door een politieke partij?

Raworth: “Nog nooit. Ik word soms wel eens door een partij om raad gevraagd en ik ben bereid om met elke politieke partij te praten, wat haar strekking ook is. Maar ik wil niet dat mijn ideeën gepikt worden door één partij. Ik heb Donuteconomie zeer bewust geschreven voor alle jonge mensen die nu aan het studeren zijn: zij zijn de politici en bewindslui van de toekomst. Ik merk aan mijn eigen studenten dat ze mijn model willen omarmen. Ik ben er rotsvast van overtuigd dat we in de economische theorie voor een hervorming staan zoals de katholieke kerk die in de zestiende eeuw meemaakte, toen Luther zijn 95 stellingen op de deur van de slotkerk van Wittenberg spijkerde en zo het protestantisme lanceerde.”

 

Wat spontaan de vraag oproept: is economie wetenschap of eerder religie?

Raworth: “Dat is een interessante maar moeilijke kwestie. Voor veel neoliberalen is het een religie. Niet zolang geleden kwam er na een lezing een dokter naar me toe. Hij vroeg zich hetzelfde af: is economie wetenschap, of misschien eerder kunst? Op een bepaald moment zei hij: ‘Of zou het een behandeling kunnen zijn, zoals geneeskunde?’ Dat klonk best zinvol, want dokters behandelen de levende mens, en economisten denken na over complexe systemen en proberen de levende planeet te behandelen. Ze maken daarbij allebei gebruik van wetenschap, maar zeker voor economisten geldt dat zij er af en toe ook flink op los experimenteren.”

 

Kate Raworth, Donuteconomie – In zeven stappen naar een economie voor de 21e eeuw, Nieuw Amsterdam, 24,99 euro

 

 

(c) Jan Stevens

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s