Ondertussen in Burcht…

Van zijn vijfde tot zijn zestiende was Marcel Van Der Vloet het favoriete speeltje van Burchtse pedofielen. Op zijn zeventiende verwekte hij een kind bij een getrouwde vrouw. Achttien jaar later kwam de toen achttienjarige Oscar Segers bij hem inwonen. Vanuit hun huis ‘soigneert’ gigolo en worstelkampioen Oscar de vrouwtjes. “Toch denkt heel Burcht en omstreken dat wij een homokoppel zijn. Ze moesten eens weten.”

Een zwoele herfstochtend. Marcel Van Der Vloet (65) en Oscar Segers (47) zitten broederlijk naast elkaar in de gelagzaal annex living van hun huis Den Yzer in de Kloosterstraat in Burcht: een jonggepensioneerde naast een (niet meer zo) jonge blonde oppergod. Marcel Van Der Vloet was in een vorig leven nationaal secretaris van wijlen de libertijnse partij ROSSEM; Oscar Segers was ooit wereldkampioen worstelen en is nu bodybuilder, stripper en gigolo – “bekend van Jambers en Goedele”. In de hal staan paletten vol boeken. Tweeduizend exemplaren van Marcels autobiografie Het bloot van toen; het relaas van de eerste negentien jaren van zijn bewogen leven in Burcht. “Zoals ik het beschreven heb, was het”, zegt Marcel. “Alleen sommige namen heb ik veranderd.”

Schoon jongetje

Een rijhuis in de binnenstad van Antwerpen, juni 1947. “De dikke, vriendelijke mijnheer had me uitgekleed. Ik stond bloot in het midden van de kamer. Er schenen lichten. Gele, groene en rode. Een man vroeg me om naar daar en daar te kijken. Ik zag vanuit mijn ooghoek hoe hij in een bruin peertje aan een draad kneep. Ik mocht van alles doen. Met mijn handjes in mijn nekje, mijn vuistjes in mijn zij. Ik mocht zelfs mijn fluitje vasthouden. Met een handje en dan met beide. Het enige wat niet mocht was met mijn rug naar die meneer gaan staan. Dan kneep hij niet in zijn bruine peer.” – uit: Het bloot van toen.

In 1947 sloot de moeder van de toen vijfjarige Marcel Van Der Vloet een deal met een paar ‘Amerikanen’ van een ‘reclamebureau’. Van Der Vloet: “Ik had vlasblonde krullen en een fijn gezichtje. Iedereen noemde me een ‘schoon jongetje’. Moeder paradeerde graag rond met mij, maar ik vond dat niet leuk. Op een dag stonden die kerels in onze bakkerij in Burcht. Ze draaiden moeder rond hun vinger en maakten haar wijs dat ze veel geld aan mij kon verdienen. ‘Reclamefotografie is dé toekomst!’ In ruil voor centen wilden ze me in nieuwe kleren stoppen en reclamefoto’s van me nemen. We zijn maar één keer moeten gaan – voor ‘proefopnames’. Ik weet niet meer waar die fotostudio precies was; ik weet wel dat we met de bus door de tunnel – de konijnenpijp – reden. Dat vond ik fantastisch. Al die ronde oranje lichten tegen de muur. Na de fotosessie hebben ze ons nog blikken koekendozen bezorgd waar een ‘reclamefoto’ van mij op gedrukt stond. Een foto met mijn kleren aan. De naaktfoto’s trokken ze snel voor mijn moeder terug binnen kwam. Ze stond in de gang; ik kon de hele tijd haar stem horen.”

Het strand van het Galgenweel op Linkeroever, juli 1954. “De onderpastoor ging rechtop zitten. Hij drukte met de hand op de kont van mijn elfjarige vriend Luc, nam met de andere een handvol wit, fijn zand en liet het tussen Lucs billen vloeien. Het duurde eeuwen voor zijn hand leeg was. Dan plaatste hij zijn grote wijsvinger in het midden van het hoopje zand en duwde zijn vinger traag in Luc zijn kontgaatje. Nog eens en nog eens. ‘Het zand is de Calvarieberg’, sprak de onderpastoor plechtig. ‘Nu brengen we de Calvarieberg, waarop de zoon van god geleden heeft en gestorven is, diep in je lichaam. Opdat je ook deel zou uitmaken van het lijden van de heer.'” – uit: Het bloot van toen.

Van 149 tot 1960 was Frans De Meersman (1911-1994) onderpastoor van Burcht. Van 1967 tot 1977 was hij er pastoor. E.H. De Meersman was wild van jonge jongetjes. Hoeveel Burchtse jongens als Luc heeft hij in zijn carrière gemolesteerd? Van Der Vloet: “Dat weet ik niet. Ik weet wel dat hij zijn interesse in jongens verloor na hun plechtige communie. Wij durfden thuis niets te zeggen, ook al was mijnheer de onderpastoor een sadist. Later, toen ik volwassen was, heb ik vaak gedacht: ‘Waarom heb ik dat toen niet naar buiten gebracht?’ Nu, na Dutroux, pikt niemand dat nog. Maar toen… 85% van de mensen stemden op de CVP. Het woord van de pastoor was wet. Hij dirigeerde al die grote vrome katholieke huishoudens. Op zeker moment is die onderpastoor uit mijn gezichtsveld verdwenen, en ik heb er verder geen onderzoek naar gedaan. Misschien omdat ik bang was van hem.”

Burcht, december 1954. “Ik mocht op vakantie bij pa Jean, de schoonvader van mijn zus.(…) Pa Jean zelf had mij naar boven gebracht. ‘Ik kom bij je liggen’, fluisterde hij. ‘Het bed is toch veel te groot voor zo’n kleine jongen. Wat ben je toch zacht. Niet één haartje staat er op je schitterende lijfje. Schoon is dat.'” – uit: Het bloot van toen.

Marcel Van Der Vloet: “Mijn zus heeft altijd geweten dat haar schoonvader niet met zijn fikken van de jongens kon blijven. Ik ben haar gaan opzoeken toen mijn boek bijna af was. ‘Pa Jean heeft me als jongetje van twaalf misbruikt’, zei ik haar. ‘Ja, wij wisten dat hij zot was van jongetjes’, repliceerde ze. Het was alsof ik het in Keulen hoorde donderen. Hoe kun je nu een kleine jongen willens wetens op vakantie sturen bij een pedofiel?

Ik zin niet op wraak. Waarom zou ik? Wat brengt dat op? Stel je voor dat ik een groot schandaal over die pastoor ontketen. Wie heeft daar baat bij? Het kwaad dat die kerels aangericht hebben, kun je toch niet meer herstellen. Ik vraag me wel af waarom ik dat allemaal moest meemaken? Want pa Jean en de onderpastoor waren niet de enigen.”

De verloren zoon

Burcht, feestmarkt 1960. “Die 10e januari 1960. Een dag die 38 weken of 267 dagen vooraf ging aan die andere datum, die mij opzettelijk niet werd meegedeeld. Pas jaren later zou ik die te weten komen.” – uit: Het bloot van toen.

De eerste zondag na Driekoningen is het feest in Burcht. Dan staat het marktplein afgeladen vol met markt- en foorkramen. Op de kermis van 1960 raakte de zeventienjarige Marcel Van Der Vloet aan de praat met de pasgetrouwde, vijf jaar oudere Maria. Ze vertelde over haar man – een beroepsmilitair met losse handjes, en zocht troost in de armen van Marcel. Van Der Vloet: “Van het een kwam het ander. Een half jaar later zag ik haar terug in een winkel. Ze zag er onverzorgd en moe uit. Ik vroeg of ze ziek was. Toen pas zag ik haar dikke buik. Ze was zwanger. Ik vroeg of het kind van mij was. ‘Ik weet het niet’, zei ze. ‘Ik weet alleen dat ik getrouwd ben en dat niemand het hoeft te weten. Het is beter dat we erover zwijgen.'”

Marcel Van Der Vloet verloor Maria uit het oog. Een paar jaar later trouwde hij met iemand anders. Samen kregen ze een zoon. De Van Der Vloets leidden het leven van een doorsnee gezin. Tot in 1978 Oscar Segers – Maria’s oudste zoon – radeloos op hun drempel stond. Oscar Segers: “Ik had voortdurend ruzie met mijn ‘officiële’ vader. Hij was een ongelooflijk gewelddadige alcoholist. Als mijn broer slechte punten had, sleurde hij hem mee naar de slaapkamer om hem af te rossen met zijn riem. Dan stampte ik de deur in, want ik kon dat niet verdragen. Als hij mijn moeder sloeg, brulde ik de hele buurt bijeen. Ik heb altijd geprotesteerd. Vanaf mijn tiende ben ik beginnen worstelen. Ik was een natuurtalent, en werd ontzettend sterk. Als hij weer eens door het lint ging, sloeg ik gewoon mijn armen om hem heen en hield hem in bedwang tot hij uitgeraasd was. Dat kon hij niet verkroppen.
“Op mijn achttiende ben ik weggegaan. Mijn moeder was bang dat vader me kapot ging maken en heeft me toen aangeraden om bij Marcel onderdak te zoeken. Vader was woest omdat ik moeder verdedigd had. Op een dag hoorde ik haar kelen. Hij zat met zijn knie op haar. Ik heb hem toen in de zetel gesmeten en afgedreigd: ‘Waag het niet om dat nog eens te doen!’ Toen vloog ik eruit. Vorig jaar is hij gestorven. Hij heeft zich letterlijk dood gezopen.”

Marcel Van Der Vloet: “Toen Oscar bij ons kwam, kreeg hij direct een ander leven. Hij kon zijn capaciteiten als worstelaar ontwikkelen en de hele wereld afreizen. Hij is 34 keer kampioen van België geweest, twee keer wereldkampioen en één keer tweede. We koesteren schitterende herinneringen aan Madrid, Boedapest, Amerika… Oscar won alles; het was plezant om hem zo te zien winnen.”

U was zijn manager?
Marcel Van Der Vloet: “Zijn coach, ja. Rond mijn veertiende heb ik ook een tijdje geworsteld. Ik was vrij goed, maar vocht nooit graag wedstrijden. Oscar heeft nooit anders gekend. Hij was al kampioen van België op zijn elfde en heeft die titel nooit meer afgegeven.”

Wat vonden de inwoners van Burcht ervan dat Oscar bij u kwam wonen?
Marcel: “Die vonden dat erg verdacht. Zelfs nu nog worden er indianenverhalen over ons verteld. Na mijn scheiding in ’88 is het roddelcircuit pas echt op gang gekomen: ‘Die twee venten zijn toch geen familie?’ Jaren lang hebben ze achter onze rug gefluisterd dat we een homokoppel waren. Dat gebeurt nu trouwens nog.”
Oscar Segers: “Eigenlijk had ik al lang dood moeten zijn, want vijftien jaar geleden ging als een lopend vuurtje rond dat ik aids had.”
Marcel: “Het feit dat Oscar vrouwen ontvangt en dat hij daar op tv bij Jambers rond voor uitkwam, heeft aan al dat geroddel geen deugd gedaan. Toen hoorden we voor het eerst dat de goegemeente ons als een homokoppel bestempelde.”

Terwijl jullie eigenlijk vader en zoon zijn. Want Marcel is Oscars ‘officieuze’ vader?
Marcel: “Dat zeg jij. Wie mijn boek leest, en een en ander narekent, kan zelf zijn conclusies trekken.”
Oscar: “We willen daar eigenlijk niet mee te koop lopen. Ik heb daar nog nooit tegen iemand iets over gezegd. Ik wist dat niet toen ik hier in ’78 voor de deur stond. Natuurlijk waren er tijdens de ruzies tussen mijn ouders wel uitspraken, bedekte toespelingen.”
Marcel: “Ik had daar toen ook geen vermoeden van. Maar in de loop van de jaren merk je aan sommige details… Ach, laat ons maar niet teveel in dat potje roeren. Ik wil Maria niet kwetsen.”

Waarom is Oscar dames beginnen ontvangen?
Oscar: “Uit noodzaak. Ik zat middenin die worstelcarrière, moest altijd maar trainen en kon me geen vaste relatie veroorloven. We zijn eerst begonnen met ladies nights. ”
Marcel: “Eigenlijk hadden we dat beter ook stilgehouden, in plaats van er in Jambers mee uit te pakken. Sommige mannen weten immers niet dat hun vrouw naast de pot pist. Het is echt niet onze bedoeling om huishoudens uiteen te trekken, integendeel! Wij lossen hun seksproblemen op.”
Oscar: “Eigenlijk zijn die damesbezoeken een heel goeie oplossing. No strings attached. Ik ben trouwens heel kieskeurig.”
Marcel: “Ja, eerst maken we kennis met het potentiële clientèle. Daarom ook heeft Oscar nooit escort willen doen, want dan word je opgebeld, en wat er achter de deur staat, moet je pakken. Dat heeft hij nooit gewild. Eerst maakt hij hier een afspraak: een beetje blabla met een tasje koffie en een stukje vla. En als het hem aanstaat, wordt het boemboem.”

Was eerwaarde Frans De Meersman een grote kindervriend?

In Het Bloot van toen getuigt Marcel Van Der Vloet dat onderpastoor Frans De Meersman (in zijn boek geeft hij hem het pseudoniem ‘Meerschout’) in de jaren vijftig graag jonge jongetjes molesteerde. Volgens kanunnik-archivaris Ludo Collin van het bisdom van Gent is er bij het bisdom nooit een klacht over De Meersman geweest. “Waarmee ik niet wil zeggen dat er niets gebeurd zou zijn. In 1960 werd De Meersman pastoor in Doel, en in ’67 keerde hij terug naar Burcht, als pastoor. Als er in die tijd klachten over kindermisbruik binnenkwamen, werd de priester in kwestie overgeplaatst naar een klooster in een verre uithoek van het bisdom. Er is niets in De Meersmans carrière dat erop wijst dat er ooit een klacht tegen hem is ingediend. Integendeel, het feit dat hij later pastoor geworden is in hetzelfde Burcht, wijst erop dat hij toen een vlekkeloze reputatie genoot.”

© jan@janstevens.be

Advertenties

Wie vermoordde David Kelly?

In de zomer van 2003 werd de Britse wapendeskundige David Kelly dood in een bosje gevonden, nadat uitlekte dat hij de BBC getipt had dat Tony Blair de publieke opinie voorgelogen had over Saddam Hoesseins massavernietigingswapens. “Zelfmoord”, concludeerde de officiële onderzoekscommissie. “Bullshit”, zegt parlementslid Norman Baker. “Kelly is vermoord. En ik weet door wie.”

Het liberaal-democratisch parlementslid Norman Baker uit het kiesdistrict Lewes in Sussex is geen ‘samenzweringsdeskundige’, maar een kritisch volksvertegenwoordiger die de voorbije jaren menig schandaal in de Britse politiek naar boven bracht. Sinds vorig jaar onderzoekt Baker de vermeende zelfmoord van de wapendeskundige David Kelly. In november verschijnt zijn boek The Strange Death of David Kelly waarin hij zijn hele onderzoek presenteert. Zijn conclusies liegen er niet om: David Kelly is vermoord. “Ik weet ook door wie”, zegt Baker. “Een aantal mensen zitten nu met dichtgeknepen billen te wachten op de publicatie van mijn boek.”

Kroniek van een onaangekondigde dood
Donderdag, 22 mei 2003. De bar van het Charing Cross Hotel in het hart van Londen is de favoriete pleisterplaats van spionnen, informanten en journalisten. Misschien omdat het hoogpolig kamerbreed tapijt de gefluisterde geheimen absorbeert, of omdat de obers er even discreet zijn als de butlers in Her Majesty’s Service in Windsor Castle. Vooraan in de bar, met zicht op The Strand, zitten BBC-journalist Andrew Gilligan en microbioloog David Kelly thee te drinken. Als VN-wapeninspecteur in Irak en als ambtenaar bij het ministerie van Defensie, gespecialiseerd in biologische wapens, voert doctor David Kelly wel vaker gesprekken met journalisten. Het verschil is dat hij zijn bazen nu niet ingelicht heeft, maar dat hij Gilligan in het geheim ontmoet. George Bush en Tony Blair zijn volop bezig met de voorbereiding van de inval in Irak, en David Kelly is de leugens van Blair over de vermeende Irakese massavernietigingswapens meer dan beu. Eind september 2002 publiceerde de Britse regering een rapport waarin beweerd werd dat Irak aan een nucleair programma werkt, en waarin Tony Blair himself schreef dat Saddam Hoessein in staat is om binnen 45 minuten een heel arsenaal aan chemische en biologische wapens in werking te zetten. David Kelly vertelt Gilligan in het Charing Cross onder andere dat Blairs ’45 minute claim’ totaal uit de lucht gegrepen is.

Donderdagochtend, 29 mei. In het BBC-radioprogramma Today maakt Andrew Gilligan brandhout van de ’45 minute claim’. “Een belangrijk ambtenaar verzekert ons dat de regering haar septemberrapport bewust vervalst heeft”, zegt Gilligan. “Een week voor de publicatie van het rapport gaf Downing Street 10 de opdracht om het rapport ‘sexyer’ te maken, om zo de publieke opinie ervan te overtuigen dat een inval in Irak onontbeerlijk is. Vervolgens werd de verzonnen ’45 minute claim’ eraan toegevoegd.”

Donderdag, 8 juli. Het Britse ministerie van Defensie meldt in een verklaring dat één van zijn ambtenaren de mogelijke bron is voor het BBC-bericht over het opleuken van het septemberrapport. Op basis van hints van Defensie, hebben drie kranten in een mum van tijd achterhaald dat die ambtenaar David Kelly is.

Dinsdag, 15 juli. David Kelly verschijnt voor de buitenlandcommissie van het Lagerhuis. Hij spreekt zo zacht dat de ventilatoren moeten worden uitgezet om hem te kunnen verstaan. Sommige Labourparlementsleden pakken hem bijzonder hard aan en noemen hem ‘chaff’ – uitschot. Kelly zegt dat hij niet de enige bron voor het BBC-verhaal was.

Donderdagnamiddag, 17 juli. David Kelly verlaat rond drie uur zijn huis in Southmoor, bij Oxford, voor een wandelingetje. Onderweg glimlacht hij naar zijn buurman Paul Weaver. Als Kelly rond middernacht nog niet terug is, slaat zijn vrouw alarm.

Vrijdag, 18 juli. De politie vindt het lichaam van Kelly in het bos van Harrowdown Hill op enkele kilometers van zijn woning. Zijn linkerpols is doorgesneden. Naast zijn lijk ligt een zakmes en een doosje pijnstillers.

De zelfmoord van David Kelly jaagt een schok door de Britse samenleving. Tony Blair belast Lord Justice Brian Hutton met een onderzoek. Maanden later, in januari 2004, presenteert Hutton zijn rapport. Hij concludeert dat premier Blair en de regering niets te verwijten valt, en dat alleen de BBC en Andrew Gilligan in de fout gegaan zijn. “De regering-Blair heeft de bedreiging van Saddams massavernietigingswapens niet opgeschroefd”, stelt Lord Hutton. “Gilligans bewering dat de regering een rapport over Iraks vermeende arsenaal aan massavernietigingswapens ‘sexyer’ heeft gemaakt, is ongefundeerd en tast de integriteit van de regering aan.” Hutton stelt ook nog ‘blij’ te zijn dat wapendeskundige Kelly zelfmoord heeft gepleegd, en dat er geen derden bij de dood van de defensieambtenaar betrokken zijn.

Unieke zelfmoordenaar
“Lord Hutton kletst uit zijn nek”, zegt Norman Baker. “Zijn rapport is een schande. Het nagelt alleen de BBC aan de schandpaal en wast de regering wit. Lord Hutton is een groot voorstander van het status-quo. Het is zijn natuurlijke staat van zijn om alle regeringen rugdekking te bieden. Eigenlijk maakt het hem niet uit wie er aan de macht is – degene die de touwtjes in handen heeft, is heilig. Hutton was een bewuste keuze van Tony Blair. Hutton had geen enkele ervaring met het soort onderzoek waarvoor hij ingeschakeld werd. Ik zeg niet dat Lord Hutton zijn ziel verkocht, maar zijn staat van dienst liet vermoeden dat hij een gewillige marionet zou zijn. Zo verdedigde hij de Britse regering voor het mensenrechtenhof in Straatsburg toen ze ervan beschuldigd werd Noord-Ierse gevangenen te folteren, en leidde hij in 1999 de campagne om wijlen de Chileense ex-dicator Pinochet een vrije aftocht te garanderen.”

De politie heeft toch een onderzoek naar de dood van David Kelly gevoerd? De conclusie van de lijkschouwer en de rechercheurs was eensluidend: zelfmoord.
Norman Baker: “En mijn conclusie is dat David Kelly vermoord is. De manier waarop hij zijn pols doorgesneden zou hebben, is uniek. Een doorsnee zelfmoordenaar probeert zijn slagader dwars over de pols door te snijden, waarbij hij in de spaakbeenslagader, de arteria radialis, kerft. Zelfmoordenaars die iets van biologie afweten, snijden van onder naar boven. David Kelly is er in 2003 op miraculeuze wijze als enige zelfmoordenaar in Groot-Brittannië in geslaagd om zijn ellepijpslagader, de arteria ulnaris, door te snijden. En hij heeft dat gedaan zoals een precisiechirurg dat zou doen, op een plaats waar die ader amper een lucifer dik is, diep in de pols onder de pink. Als je zo diep snijdt, moet je heel wat kracht gebruiken om door zenuwen en pezen te geraken, zeker met het bot zakmes dat Kelly voor zijn zelfdoding gebruikt zou hebben. Op die manier een einde aan je leven maken, is ontzettend pijnlijk en duurt erg lang. Ik geloof nooit dat Kelly daar zelf toe in staat was. En ook al zou hij het gedaan hebben, dan nog had hem dat nooit het leven gekost. Experts zeggen me dat zelfs de diepste snede op die plaats nooit de dood als gevolg heeft. De chirurg David Halpin verzekerde me dat een compleet doorgesneden slagader zich intrekt en spontaan stopt met bloeden. Doctor Kelly’s ader was helemaal doorgesneden. Uit de getuigenissen van de ambulanciers blijkt dat er slechts een minieme hoeveelheid bloed naast het lijk lag.”

Maar de politie heeft toch ook een leeg doosje pijnstillers gevonden? Volgens het Huttonrapport stierf Kelly aan de verwondingen aan zijn pols in combinatie met een overdosis Coproxamol.
Norman Baker: “Volgens Hutton nam Kelly in totaal 30 Coproxamoltabletten in doordrukstrips van thuis mee. Van al die tabletten vond de politie er een terug. De conclusie van Lord Hutton was: overdosis. Terwijl uit het toxicologisch onderzoek van de lijkschouwer blijkt dat David Kelly geen enkel tablet geslikt had en dat zijn maag leeg was. Kelly had zelfs een gigantische hekel aan het slikken van tabletten. Zijn vrienden getuigen dat hij geen pil door zijn keel kreeg. Als hij ziek was, nam hij zijn toevlucht tot drankjes. David Kelly was niet de eerste, de beste. Hij betekende ontzettend veel in de wereldwijde strijd tegen biologische en chemische wapens. Hij wist alles over biologische oorlogsvoering, en had alle mogelijkheden om op een pijnloze, snelle manier een einde aan zijn leven te maken. Waarom zou hij dan deze onhandige methode kiezen?”

Depressieve, suïcidale mensen trekken zich misschien niet veel aan van de methode?
Norman Baker: “Was David Kelly wel depressief? Zijn zus Sarah is arts. Tijdens het Huttononderzoek verklaarde ze dat ze geen enkele aanwijzing had dat haar broer levensmoe was. Ze zei: ‘Ik ben erop getraind om sporen van depressie bij mensen op te sporen. Vlak voor zijn dood heb ik een paar keer met hem gepraat, en niets wees erop dat hij eruit wou stappen, alleen dat hij moe was.’ Daar komt bij dat Kelly erg uitkeek naar het nakende huwelijk van zijn dochter, en dat hij praktiserend lid was van Baha’i, een religie die zeer sterk tegen zelfmoord gekant is.

De e-mails die Kelly de ochtend van zijn dood verstuurde, zijn vrolijk. In een paar mails schrijft hij enthousiast over zijn nakende terugkeer naar Irak als wapeninspecteur – hij had net een vliegtuig geboekt. Maar er is ook die ene mail naar een Amerikaanse journalist waarin hij het heeft over ‘donkere figuren die spelletjes spelen.’ Lord Hutton heeft geen onderzoek laten verrichten naar wie die donkere figuren zouden kunnen zijn, laat staan naar wat voor soort spelletjes ze speelden.”

U hebt dat onderzoek dan maar zelf gevoerd?
Norman Baker: “Ja. Ik heb een jaar lang mijn politieke activiteiten stilgelegd om alle toegankelijke bronnen te kunnen analyseren. Ik heb met sleutelfiguren gepraat, parlementaire vragen gesteld en mijn gezond verstand gebruikt. Mijn conclusie is onweerlegbaar: David Kelly is vermoord. Wij vinden onze westerse democratie beschaafd, terwijl die respectabiliteit eigenlijk niet meer is dan wat vernis. Krab dat laagje weg, en je schrikt van wat er tevoorschijn komt. We gedragen ons als superdemocraten en spellen landen met totalitaire regimes de les, terwijl er grotere gelijkenissen zijn dan we willen toegeven.

David Kelly was de ‘inspecteur van de inspecteurs’. Op het moment dat hij dood in dat bosje lag, kreeg Tony Blair in het Amerikaanse Congres uit de handen van Bush de Congressional Medal. Op het vliegtuig naar huis werd Blair gebrieft over de dood van Kelly. Het parlement was net in vakantie, en Blair profiteerde daarvan om quasi onmiddellijk een regeringsvriendelijk ‘onderzoek’ te bestellen bij Lord Hutton.”

Op zoek naar de opdrachtgever
Is David Kelly in opdracht van Tony Blair vermoord door de Britse geheime dienst?

Norman Baker: “Je zal moeten wachten tot het boek uitkomt. (lacht) Ik weet vrij precies wat er gebeurd is, maar ik mag je dat nu niet vertellen. Ik heb instructies van mijn uitgever om te zwijgen over hoe de moord gepleegd is, of over wie de opdrachtgevers zijn. Kelly is alleszins niet doodgebloed, of gestorven door een overdosis pijnstillers.”

Had alleen de regering Blair er voordeel mee om Kelly uit de weg te laten ruimen?
Norman Baker: “In mijn boek maak ik een lijstje van alle mogelijke actoren die voordeel hadden bij de dood van David Kelly. Omdat hij zo een toegewijde, belangrijke wapeninspecteur was, hadden ook de Verenigde Staten, Israël, Rusland, en Irak er belang bij.”

Hebben ze geprobeerd om u tegen te werken in uw onderzoek?
Norman Baker: “Nee. Als parlementslid zit ik natuurlijk in een geprivilegieerde positie. Het establishment reageert voorzichtig als ik iets vraag of zeg. Een volksvertegenwoordiger wordt met meer egards behandeld dan een doodgewone journalist.”

Na verschijning van uw boek zal u waarschijnlijk het verwijt krijgen dat u in complottheorieën gelooft.
Norman Baker: “Aan die aanval verwacht ik me, ja.”

En? Gelooft u in een samenzweringstheorie?
Norman Baker: “Een complot is de combinatie van twee of meer mensen die samenspannen om een gezamenlijk doel te bereiken. Een complot kan gesmeed worden om iemand in diskrediet te brengen of om iemand te vermoorden. Een samenzweringstheorie is een theorie dat zulk een samenzwering heeft plaatsgevonden. Ik heb ontdekt dat er een complot gesmeed en uitgevoerd is om Kelly te doden. Ik ben dus geen gelovige, maar iemand die weet.”

© jan@janstevens.be