‘Ik hoorde knallen en zag hoe Pim viel. Ik besefte dat ik getuige was van een moord’

Op maandag 6 mei 2002 werd Pim Fortuyn iets na zes uur ’s avonds vermoord door Volkert van der Graaf. Precies twintig jaar later reconstrueert ooggetuige Paul van der Lugt in De laatste dag het levenseinde van de flamboyante rechts-populistische politicus. “Hij wou 87 worden.”

Op het moment van de moord was Paul van der Lugt zendercoördinator van 3FM, het radiostation waar Pim Fortuyn die namiddag in de uitzending Ruuddewild.nl te gast was. Vandaag begeleidt hij als zelfstandig consultant radiomakers. Voor zijn boek De laatste dag ging hij uitgebreid met zijn ex-collega’s bij 3FM praten en met zowat alle andere mensen die de laatste maandag van Pim Fortuyn van zeer nabij meemaakten.

We hebben afgesproken op de plek waar Fortuyn twintig jaar geleden werd doodgeschoten: een parkeerplaats van het Mediapark in Hilversum. Waar Fortuyn uit de kogelgaten in zijn hoofd en hals doodbloedde, ligt nu een sobere herdenkingstegel met zijn naam en sterfdatum.

“Vanuit mijn kantoor had ik zicht op deze plek”, zegt Paul van der Lugt. “Ik nam die maandag na de uitzending afscheid van Pim Fortuyn en zijn chauffeur Hans Smolders. Ik gaf ze een hand in de deuropening. Presentator Ruud de Wild wandelde daarna al pratend met Fortuyn het parkeerterrein op. Producer Merel van Dijk liep met een kistje wijn in de handen langs me heen. Dat cadeautje wou ze nog aan Pim geven; hij was hij vergeten. Er plakte zo’n geel post-itje op met zijn naam: ‘Pim Fortuyn’. Ik wou me omdraaien om naar binnen te gaan, mijn spullen te pakken en naar huis te vertrekken, toen ik een jongen zag aankomen met een petje op en een tas in zijn hand. Ik weet niet meer of hij het pistool uit dat tasje haalde, of dat het tasje het pistool moest camoufleren. Maar meteen daarna hoorde ik droge knallen. ‘Vuurwerk’, dacht ik eerst, want ze klonken als rotjes. De tijd vertraagde: seconden werden minuten en minuten uren. Ik zag Pim vallen en Ruud wegduiken. Pas toen drong het tot me door dat ik getuige was van een moord. Hans Smolders rende meteen achter de wegvluchtende Van der Graaf aan. Ik riep alle mensen die buiten waren naar binnen, want misschien waren er nog andere schutters. Ik belde 112 en vroeg anderen om hetzelfde te doen. Daarna begon ik de uitzending te herorganiseren. Op dat moment stond het nummer Murder on the dancefloor van Sophie Ellis-Bextor gepland. Net op tijd werd dat vervangen door Imagine van John Lennon. Niet veel later ging ik naar de parkeerplaats, waar een collega bij Pim zat. Hij heeft nog een half uur geleefd, al leefde hij eigenlijk niet echt meer. Meteen nadat hij door de kogels in zijn hoofd geraakt was, verdween zijn bewustzijn.”

Was het therapeutisch om twintig jaar later dit boek te schrijven?

“Toch niet. De voorbije jaren kwam ik regelmatig mensen tegen die er toen ook bij waren. Sommigen werden zeer goede vrienden, anderen bleven vage kennissen. Maar elke keer opnieuw hadden we het erover. Het inzicht groeide dat die gebeurtenis het leven van alle getuigen verschrikkelijk hard had geraakt. Een jaar of drie geleden dacht ik: ‘Ik moet dit opschrijven.’

“Het ene gesprek leidde naar het andere. Zo interviewde ik uitgebreid Claudia De Breij die die bewuste maandag het avondprogramma op 3FM presenteerde. Niet veel later belde ze: ‘Zeg Paul, ik kwam Susanne Eertink tegen. Zij werkte toen als radioproducer bij een andere omroep. Ze vertelde me dat ze die maandag de dader was tegengekomen toen ze op weg was naar het treinstation.’ Ik contacteerde Susanne en ze vertelde me dat ze Van der Graaf tijdens zijn korte vlucht recht in de ogen had gekeken. Totaal overstuur rende ze toen de 3FM-studio binnen. Daar werd ze opgevangen door collega Diederick Huizinga. Hij had de tegenwoordigheid van geest om tegen haar te zeggen: ‘Susanne, ga zitten. Schrijf op hoe die man er uit ziet en wat je hebt meegemaakt. Dat is goed voor de politie.’”

Ruud de Wild, de radiomaker bij wie Pim Fortuyn die namiddag twee uur lang te gast was, wou niet met u praten.

“Ruud is een goede vriend. Hij maakte de laatste uren van Pim Fortuyn het dichtste mee. Eerst twee uur in de studio en dan op de parkeerplaats. Ik heb veel moeite gedaan om het gesprek met hem aan te gaan, maar hij heeft daar geen zin in. Ik vermoed dat die gebeurtenis hem zo hard heeft aangegrepen, dat hij er nu niets meer mee te maken wil hebben.

“In de dagen na de moord regelde ik een traumapsycholoog waar iedereen een paar maanden lang bij terecht kon. Ruud kreeg extra therapeutische hulp. Dat pistool ging vlak bij zijn oren af en een kogel vloog rakelings langs hem heen. Dat was heftig.

“Ruud de Wild was toen al in Nederland een zeer populaire discjockey. Hij genoot van zijn bekendheid. Eigenlijk is hij nog steeds zo, alleen wat ouder en wijzer. Hij maakt nu ook schilderijen.”

Wat voor een zender was 3FM twintig jaar geleden?

“Een popzender, iets tussen jullie Studio Brussel en MNM in. Op 15 mei stonden de verkiezingen gepland. Wij vonden het belangrijk om onze vaak nog jonge luisteraars kennis te laten maken met de lijsttrekkers en hun politieke ideeën. Wij wilden ertoe bijdragen dat zoveel mogelijk mensen gingen stemmen. Daarom was Pim Fortuyn die maandagnamiddag te gast bij Ruud de Wild.”

Er hing toen in Nederland heel wat spanning in de lucht?

“Zeker, en de man die daar de grootste verantwoordelijkheid voor droeg, was Pim Fortuyn. Een jaar voor de verkiezingen was het nog redelijk rustig en leek het alsof de socialistische PvdA en de liberale VVD opnieuw op hun gemak een parlementaire meerderhoud zouden halen. De volgende paarse coalitie leek al in de maak. Toen kwam Pim, die eerst voor Leefbaar Nederland lijsttrekker werd. Dat zorgde meteen voor een hoop onrust. Een paar maanden voor de verkiezingen raakte hij met die partij in onmin en op 10 februari werd hij afgezet als lijsttrekker. Een paar dagen later hield hij Lijst Pim Fortuyn (LPF) boven de doopvont.”

Hij scoorde met radicaalrechtse standpunten en uitspraken, terwijl hij als jonge academicus extreemlinks was?

“Hij geloofde heel sterk in de maakbare samenleving, wat best links is. Hij startte als communist en wou daarna heel graag aan de bak bij de PvdA, maar werd daar elke keer afgewezen.

“In 2002 nam hij zeer extreme standpunten over de islam in. Ik kon me daar helemaal niet in vinden. Zijn populistische aanpak leek me niet de verstandigste manier om de problemen met migratie in Nederland aan te pakken. Maar hij zei ook verstandige dingen, zo pleitte hij voor een betere regeling voor de zorg en voor een kleinschaliger dienstverlening waar een burger zich in kon herkennen.”

Die 6e mei was hij bang?

“Ja, en ik begreep zijn bangheid wel. Een paar weken eerder had hij een ‘taart’ in zijn gezicht gekregen. Eigenlijk was dat een heel vies goor ding met uitwerpselen in. Ik kon me goed voorstellen dat hij geen zin had in een gelijkaardige tweede aanval, al hing er verder geen dreiging in de lucht.

“De uitzending verliep prima. Ik heb ze de voorbije maanden verschillende keren opnieuw beluisterd. Ze was écht heel goed: er werd lol gemaakt, Fortuyn vertelde begeesterend over zijn politieke ideeën, maar werd daar ook scherp over bevraagd.”

Halverwege de uitzending begon Fortuyn te flirten met de jonge technicus. “Hi, Thomas, hoe oud ben je? 23. Dan is het niet verboden, jongens.”

“Toen klonk dat geweldig; vandaag zou dat niet meer kunnen. Al kon het toen eigenlijk ook niet, maar Fortuyn deed het op zo’n manier dat iedereen het hem vergaf. Hij zei: ‘In de gayclub wil ik wel eens een keertje gezellig met een Marokkaantje de koffer induiken.’ Hij was bijzonder open over zijn voorkeur voor jonge jongens, zonder schaamte, waardoor zo goed als iedereen dacht: ‘Onze manier van doen is het niet, maar we snappen dat hij dat fijn vindt.’”

Als Volkert van der Graaf die dag niet had toegeslagen, was Fortuyn misschien minister-president van Nederland geworden?

“De ochtend van die 6e mei was net de uitslag van een peiling bekendgemaakt. Fortuyn stond niet op de eerste plaats, maar het onderzoeksbureau voorspelde toch dat zijn partij de grootste zou worden en hij premier. Dat hadden ze geleerd van de gemeenteraadsverkiezingen: toen haalde Fortuyn bijna twee keer zoveel stemmen als in de peilingen. Dus hielden ze er nu rekening mee dat hij opnieuw het grote aantal zwevende kiezers aan zich zou binden. Die breed in de kranten uitgesmeerde voorspelling zorgde ervoor dat hij in een opperbeste stemming bij 3FM aankwam.”

U heette hem als zendercoördinator persoonlijk welkom?

“Het voelde ook alsof hij mijn gast was. Hij arriveerde vijf minuten voor de uitzending, zat even op mijn kantoor, waarna ik hem naar de studio doorsluisde. Hij had die dag nog niet gegeten en at met veel smaak alle wakke belegde toastjes op. Ik vond het belangrijk om kennis met hem te maken, want als hij premier van Nederland werd, zou het fijn zijn als hij zich ons radiostation nog kon herinneren. Daarna praatte ik een tijdje met zijn chauffeur Hans Smolders. Die viel in voor Pims vaste chauffeur én butler, Herman Dikkers. Hans was maar een keer of drie de chauffeur van Pim Fortuyn, waaronder deze fatale 6e mei.

“Fortuyn bouwde bij leven en welzijn samen met Albert de Booij van Speakers Academy een zeer lucratief lezingencircuit op. Eén lezing leverde 10.000 euro op. Pim was gek op geld, maar gaf het ook graag uit aan prachtige pakken, een butler en een Jaguar. Zijn huis Palazzo di Pietro in Rotterdam was schitterend aan de voorkant. Aan de achterkant keek je uit op appartementsgebouwen met satellietschotels. (lacht)”

Chauffeur Hans Smolders liep meteen na de aanslag achter Volkert van der Graaf aan.

“Het lijkt alsof hij onbesuisd, als een dolleman, de achtervolging inzette, maar dat was niet zo. Hij was voorzichtig en schuilde achter auto’s. Hij heeft vrouw en kinderen en dacht tijdens de achtervolging aan hen. Hij vertelde me dat hij niet veel zin had om zijn leven in de waagschaal te stellen. Toch ging hij erachteraan. Ik vind dat fantastisch. Als hij dat niet had gedaan, was de dader misschien nooit gevonden. Tijdens de achtervolging gaf hij instructies aan de politie. Dankzij Hans konden ze Van der Graaf aan een tankstation vlakbij inrekenen.

“Ik had Volkert van der Graaf graag geïnterviewd. Hij is veroordeeld tot 18 jaar en werd na 12 jaar vrijgelaten. Vermoedelijk woont hij in de buurt van de stad Harderwijk. Hij liet me weten dat hij niet met me wou spreken. De vrienden en politieke geestverwanten van Fortuyn zijn heel boos dat Van der Graaf maar één derde van zijn straf moest uitzitten. Ik begrijp dat.”

In uw boek vertellen verschillende ooggetuigen hoe de ambulanciers de dode Fortuyn onnodig beginnen te reanimeren. Ze horen één van de ambulancebroeders zeggen: ‘Reanimeer even door voor de media.’

“Ik vroeg de ambulancebroeders om commentaar. Ze wilden alleen maar schriftelijk antwoorden: ‘We hebben gehandeld zoals we moesten handelen.’ Punt.

“Shirley Snell was beveiligingsmedewerkster. Zij zat een hele tijd naast de stervende Pim Fortuyn en bleef op hem inpraten. ‘Pim, blijf bij mij, blijf bij ons. De ambulance is onderweg.’ Ze zag het leven uit hem verdwijnen en was rechtstreekse getuige van die scène met de ambulancebroeders. Ze werd toen heel boos en riep: ‘Laat hem met rust! Die man is dood!’ Ze trok zich dat vreselijk aan.

“Mijn collega’s reageerden erg verschillend, al was er toch een rode lijn: iedereen hervatte zijn werk. Journalisten begonnen verslag uit te brengen, presentatoren gingen presenteren, Shirley van de beveiliging stond met haar EHBO-diploma Pim bij, ik begon te coördineren.”

Collega’s die op instorten staan, roept u tot de orde: “Jullie zijn journalisten en deze ramp speelt zich af op onze stoep. Laten we er zo goed mogelijk verslag van doen. Dat is onze plicht.”

“Eventjes moest ik dat doen, ja. Heel veel mensen die ik sprak, barstten na al die jaren weer in snikken uit. Ik beluisterde de uitzendingen van die dag verschillende keren en ook ik kreeg het telkens kwaad.

“Die maandagavond reed ik rond een uur of elf naar huis. Ik kon niet slapen en tikte een brief om de volgende dag op de zender voor te lezen. De volgende morgen was ik hier terug om zeven uur. De normale 3FM-ingang was afgegrendeld en er stond een bewaker. Een uur later wou een collega die er de dag voordien ook bij was, via die weg naar binnen. Dat mocht niet. Mijn collega kon niet meer stoppen met huilen. Ik sprak die bewaker aan: ‘Jongen, hij heeft het hier gisteren meegemaakt. Laat hem gewoon binnen.’

“Donderdag na de moord was Hemelvaartsdag. De plek van de aanslag lag bezaaid met bloemen. Die waren danig aan het verwelken. Ik vroeg onze schoonmaker om een stuk of twintig bezems te halen bij de Gamma. ‘Dan vegen we op vrijdag met alle 3FM-medewerkers de bloemen bijeen en reinigen we symbolisch de plek waar Pim vermoord is. Dat was een mooie bijeenkomst.”

In de uitzending van 6 mei vroeg Ruud de Wild aan Pim Fortuyn: “Hoe oud wil je worden?”

“Hij antwoordde toen: ‘Ik word een jaar of 87.’ Dat heeft hij niet gehaald.”

Bio

  • Geboren op 27 september 1956 in Amsterdam
  • Begon zijn radiocarrière in 1976 als nieuwslezer
  • Was begin jaren 1980 presentator van Veronica Sport op het toenmalige Hilversum 2
  • Presenteerde een tijdlang samen met Paul De Leeuw
  • Van 1992 tot eind 2002 coördinator bij 3FM
  • Tot 2018 directeur van de regionale zender RTV Utrecht
  • Zelfstandig radioconsultant

Paul van der Lugt, De laatste dag, Alfabet, 192 blzn, 18,99 euro

©Jan Stevens

“Door de moord op Pim ben ik alles kwijt”

Vandaag, 2 mei, komt Volkert van der Graaf, de moordenaar van Pim Fortuyn, na twaalf jaar vervroegd vrij. Veel te snel volgens Pims oudste broer Marten Fortuyn. “Van der Graaf heeft nooit over zijn lippen gekregen dat de moord fout was, net zoals hij ook nooit spijt betuigd heeft.”

 

“Vrijdag wordt een heel gewone dag”, voorspelt Marten Fortuyn (70) terwijl hij vuur door een nieuwe sigaret jaagt. De jarenlange stress na de moord op zijn broer Pim verzacht hij met stevig roken. De longziekte neemt hij er stoïcijns bij. Maar zo gewoon zal de dag waarop moordenaar Volkert van der Graaf vrijkomt, niet beginnen. Want vrijdagmorgen zal Marten samen met zijn vrouw de gigantische Pim-herdenkingsvlag aan de mast voor hun woning in Hoogstraten hijsen. “Net als op Pims verjaardag op 19 februari en op zijn sterfdag op 6 mei, zal de vlag vrijdag halfstok hangen”, zegt hij. “De moeilijkste dagen blijven zijn verjaardag, zijn sterfdag en mijn eigen verjaardag op 10 mei. Want op die dag in 2002 hebben we Pim begraven. De familie weet ondertussen al een tijd dat van der Graaf op 2 mei vrijkomt. We zijn dus voorbereid. In de aanloop naar zijn vervroegde invrijheidsstelling zijn we ‘gehoord’. Wij hebben toen op een aantal elementen gewezen die aantonen dat die man niet vrijgelaten mag worden. In de uiteindelijke beslissing vind je van onze argumenten niets terug.”

 

Wat waren jullie bezwaren?

Marten Fortuyn: “In maart 2012 belde Volkert van der Graaf naar mijn neef Edwin. Die was bezig met de opnames van een televisieprogramma en zat toevallig met de opnameploeg in de auto. Ze hebben het telefoongesprek zonder medeweten van van der Graaf opgenomen. Volkert zei toen dat hij niet zomaar een, twee, drie kon zeggen of hij al dan niet opnieuw een moord zou plegen. ‘Ik zal het nooit meer doen’, kreeg hij niet over zijn lippen. Ons tweede bezwaar was dat hij altijd geweigerd heeft om aan een resocialisatieprogramma mee te werken. Dat programma wordt in de gevangenis aangeboden om de terugkeer in de maatschappij voor te bereiden. Van zijn recht op proefverlof heeft hij dan weer wel gebruik gemaakt. In januari van dit jaar proefde hij voor het eerst 24 uur lang van de vrijheid. Daarna mocht hij elke maand een weekend met verlof.”

 

Vindt u twaalf jaar gevangenisstraf voldoende?

“Dat is belachelijk. Toen de rechter van der Graaf veroordeelde tot achttien jaar, voegde die er al meteen aan toe dat hij één derde strafkorting kon krijgen. Wij hebben ons daar van in het begin tegen verzet. Maar ook in hoger beroep werd die straf bevestigd. Zo zit de Nederlandse wetgeving nu eenmaal in elkaar. In de loop der jaren zijn er een paar kleine wijzigingen aangebracht, maar een fundamentele aanpassing is er nooit gekomen. Of je als dader nu één mens of meerdere mensen vermoord hebt, een derde strafvermindering zit standaard in je veroordeling.”

 

Had u meer heil verwacht van een assisenhof met een volksjury?

“In het geval van de moord op Pim was zo’n volksjury zeker een goede zaak. Toen draaide het niet alleen om de nabestaanden, maar ook om die honderdduizenden burgers die in Pim geloofden. Anderhalve week na de moord waren er verkiezingen en haalde de overleden Pim moeiteloos 1,3 miljoen stemmen. Een volksjury had alleszins beter het gevoel vertolkt dat op dat moment in de maatschappij leefde.”

 

Hebt u ooit contact met Volkert van der Graaf gezocht?

“In het begin wel, maar dat is toen afgewezen. Later heeft van der Graaf een fletse poging ondernomen om mij te spreken, maar ik had daar toen geen behoefte aan. Volgens de regels mag hij me na zijn vrijlating niet contacteren. Zelf heb ik daar geen bezwaar tegen, op voorwaarde dat hij dan eindelijk het achterste van zijn tong laat zien. Ik wil dat hij me eerlijk vertelt waarom hij het gedaan heeft. Ik heb mijn eigen ideeën over zijn motieven, hij spoort gewoon niet, maar zolang ik daar niet met hem over gesproken heb, weet ik dat niet zeker. Hij beweert dat hij opkwam voor de stakkers in de maatschappij. Hij wou zich profileren als ‘redder des vaderlands’ en Nederland behoeden voor een machtsovername door Pim Fortuyn. Allemaal flauwekul.”

 

Vanaf de dag van de moord trad u naar voor als woordvoerder van de familie.

“En sinds die maandag is de mediabelangstelling nooit gestopt. Door zijn daad heeft van der Graaf niet alleen mijn broer, maar ook mijn identiteit afgenomen. Na de moord is mijn leven totaal veranderd. Ik werd automatisch de woordvoerder omdat ik de oudste van het gezin ben. Die eerste week had ik geen tijd om ergens bij stil te staan. Het verdriet overviel me soms als ik midden in de nacht thuis kwam en even een uur voor mezelf had. Maar overdag moest ik het hoofd koel houden. Als ik de dinsdag na de moord op Pim mijn kalmte niet bewaard had en opruiende taal gesproken had, was het hek van de dam geweest. Want vlak na de moord braken er relletjes uit in Den Haag. Er was niet veel nodig om de vlam in de pan te doen slaan. De omstandigheden dwongen me ertoe mijn verdriet voor me uit te schuiven. De jaren na de moord moest ik ontzettend veel energie steken in het afhandelen van Pims erfenis. Op een bepaald moment was ik zelfs voltijds bezig met het opkuisen van de vele schulden die hij achtergelaten had.”

 

U moest uw carrière als internationaal ondernemer daardoor stopzetten?

“Ik werkte als consultant voor de Europese bank, was makelaar in geneesmiddelen en zette voor Amerikaanse ondernemingen distributienetwerken in Europa op. Een half jaar na de moord op Pim moest ik mijn contract met de Amerikanen opzeggen, ik had er geen tijd meer voor. Als makelaar in geneesmiddelen moet je uiterst actief zijn, anders loopt het faliekant af. Daar ben ik dus ook noodgedwongen mee gestopt en uiteindelijk moest ik mijn werk voor de bank opgeven. Door de moord op Pim ben ik alles kwijt. Na vijf jaar ging ik er emotioneel onderdoor en was het gedaan met ondernemen.”

 

Had u een innige band met uw broer?

“Onze relatie is een tijdlang afstandelijk geweest. Na de dood van onze moeder maakte hij het nogal bont en raakte zo in conflict met onze zus. Ik heb toen als oudste broer ingegrepen en hem op zijn plaats gezet. Dat heeft hij me niet in dank afgenomen. Maar in de maanden voor zijn dood verliep alles weer normaal. In de aanloop naar de verkiezingen voerden we vaak intense gesprekken. In maart van 2002 stierf onze vader en in de nacht na de begrafenis hebben we tot vier uur zitten praten. Hij zei toen dat hij bang was dat hem iets zou overkomen. Sommige politici hadden hem gedemoniseerd en het leek alsof hij vogelvrij was. Hij had het daar zeer moeilijk mee. Hij besefte dat het na de verkiezingen geen wandeling in het park zou worden. Op die bewuste zesde mei zei hij ’s morgens nog tegen zijn campagneleider Albert De Booij: ‘Zullen we er maar mee stoppen? We hebben ons punt gemaakt, laat ze het verder maar bekijken.’

 

Het was hem boven het hoofd gegroeid?

“Ja. En heel wat mensen die zich rond hem genesteld hadden, deugden niet. Op het laatste moet hij zich wel gerealiseerd hebben dat hij onvoldoende kwaliteit in zijn partij had. Dat is na de verkiezingen ook duidelijk geworden.”

 

Zint u op wraak tegen Volkert van der Graaf?

“Niet meer. Dat is toch zinloos. Moet ik hem dan in elkaar rammen, hem vermoorden? Zonde van de tijd die me nog rest.”

 

© Jan Stevens

%d bloggers liken dit: