‘Alles wat we verzonnen, had echt kunnen gebeuren’

Robert Harris reconstrueert in zijn nieuwe historische thriller V2 de geschiedenis van Adolf Hitlers geheime wapen V2. Gill Hornby brengt in haar nieuwe historische roman Miss Austen de oudere zus van Jane Austen opnieuw tot leven. Samen zijn Hornby en Harris al meer dan 30 jaar een echtpaar. “Als schrijvers zijn we allebei eenzaten.”

Gill Hornby en Robert Harris wonen in de statige Victoriaanse pastorij van Kintbury, een dorp in het groen ten westen van Londen. Gill is de jongere zus van Nick Hornby, auteur van bestsellers als High Fidelity en About a boy. “Het is niet altijd even gemakkelijk om de zus van Nick en de vrouw van Robert te zijn”, zegt ze. “Ik debuteerde pas in 2013 als romancier, 21 jaar na man Robert en 18 jaar na broer Nick. Ik wist dat er vergelijkingen zouden gemaakt worden, maar dat kon me niet tegenhouden. Mijn eerste boek moést er komen. Ik was de vijftig al voorbij toen ik eraan begon. De kans dat ik die twee nog inhaal, is dus bijzonder klein.”

Waarom hebt u zo lang gewacht om te debuteren?

Gill Hornby: “Het kwam nooit in me op om een roman te schrijven. Iemand moest voor onze vier kinderen zorgen. (lacht) Tussendoor recenseerde ik boeken en schreef ik columns. Maar dat werk droogde op en toen onze jongste een jaar of acht was begonnen de ideeën te borrelen voor The Hive, mijn eerste roman. Toen we elkaar een eeuwigheid geleden leerden kennen, had ook Robert geen plannen om romanschrijver te worden.”

Robert Harris: “We werkten allebei als journalisten voor de BBC. Ik schreef non-fictieboeken en was daar perfect gelukkig mee. Als je me toen gezegd had dat ik ooit enkel en alleen nog fictie zou schrijven, had ik je gek verklaard.”

U ontdekte dat fictie meer vrijheid gaf dan non-fictie?

Harris: “Precies. In 1986 schreef ik Selling Hitler, een boek over de vervalste dagboeken van Adolf Hitler. Tijdens de research las ik Hitlers tafelgesprekken. Daarin zet hij uitgebreid zijn plannen met de mensheid uiteen. Ik vroeg me af: hoe zou de wereld eruitzien als de Führer de Tweede Wereldoorlog had gewonnen? Die gedachte liet me niet los, ik begon erover te fantaseren en dat werd in 1992 mijn eerste roman Fatherland. Ik genoot van het construeren van personages en vond het zalig om inderdaad totaal vrij in het hoofd van een historische figuur te kruipen. Na Fatherland schreef ik geen letter non-fictie meer.”

Uw laatste roman V2 schreef u tijdens de lockdown.

Harris: “Ik was eraan beginnen werken toen de coronacrisis losbarstte. Eerst leek dat virus ver weg, tot plots onze twee jongste kinderen terug naar huis kwamen. We mochten niet meer naar buiten en ik was daar zo door van mijn melk dat ik even niet kon schrijven. Toen duidelijk werd dat die lockdown lang zou duren, besloot ik van de nood een deugd te maken. Ik toog terug aan het werk, vastbesloten om met een nieuw boek uit de isolatie te komen.”

Hornby: “Mijn roman Miss Austen was al af voor de coronacrisis. Ik heb de lockdown doorgebracht met de research voor mijn volgende roman.”

Het lijkt alsof de lockdown een zegen voor schrijvers was. Maar dat is niet helemaal zo?

Harris: “In feite is het onze natuurlijke staat van zijn, maar het rare is dat die lockdown mij ontzettend hard verstoorde. Ik kom me niet meer concentreren en kreeg zelfs slaapstoornissen. Als ik dan toch in slaap raakte, werd ik geteisterd door nare dromen. Elke ochtend moest ik mezelf verplichten om aan mijn schrijftafel te gaan zitten, terwijl ik in normale omstandigheden verslaafd ben aan schrijven. Nu hield ik het niet meer dan vier uur per dag vol.”

Hornby: “Ik vond het zeer vervelend dat de bibliotheken gesloten waren. Dat is lastig als je aan het researchen bent voor een historische roman. En ik kon ook geen locaties bezoeken. Dus ja, voor mij was het ook frustrerend. Het bizarre is dat ikzelf tijdens het schrijven van Miss Austen vrijwillig in lockdown ging en dat toen een weldaad vond. Ik schreef het boek snel, in vijf maanden. Heel die tijd zat ik opgesloten in mijn schrijfhok, weg van de wereld.”

De plek waar u Miss Austen schreef, is het decor voor uw roman?

Hornby: “Mijn roman speelt zich af in de pastorij van het dorpje Kintbury op het Engelse platteland in 1840, en ja, laat dat nu toevallig ook de plek zijn waar wij al meer dan 25 jaar wonen. (lacht) De pastorij uit het boek werd in 1860 afgebroken en ons huis kwam in de plaats. De kamers zijn anders, maar het uitzicht is zoals toen. Mijn research bestond uit door het raam naar buiten kijken met af en toe een wandelingetje naar de kerk.”

De miss Austen uit uw boek is Cassandra Austen, de zus van de wereldberoemde schrijfster Jane. U schreef eerder een biografie voor kinderen over Jane Austen. U bent een bewonderaar?

Hornby: “Zeker. Ik schreef die biografie zestien jaar geleden en raakte geobsedeerd door Jane én haar drie jaar oudere zus Cassandra. Toen we een kwart eeuw geleden naar dit huis verhuisden, had ik nog nooit van Cassandra Austen gehoord. Iemand uit het dorp vertelde me dat Cassandra’s verloofde Tom Fowle hier had gewoond. Hij was een van de zonen van dominee Thomas Fowle. Cassandra bracht hier Toms laatste kerstmis met hem door en zwaaide hem uit toen hij naar de Caraïben vertrok. Daar stierf hij aan de gele koorts. Heel haar netjes uitgestippelde leven viel in duigen. Na de dood van haar geliefde moest Cassandra zichzelf heruitvinden. Ze voerde een intense briefwisseling met haar zus Jane. Ze verbrandde honderden brieven en wordt daarom door biografen van Jane Austen veracht. Ik vond Cassandra’s verhaal prachtig en tragisch, uiterst geschikt voor een roman.”

V2 speelt zich iets meer dan honderd jaar later af, aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Dit is niet Robert Harris’ eerste oorlogsroman.

Harris: “Die periode fascineert me enorm.”

Hornby: “Dat is een understatement. (lacht)”

Harris: “Die fascinatie voor de oorlog zorgde er wel voor dat we dit dak boven ons hoofd hebben. Ik was ook altijd geïnteresseerd in de geschiedenis van de ontwikkeling van de ruimteraket. Begin december 2016 las ik in The Times het overlijdensbericht van Eileen Younghusband. Ze was vijfennegentig geworden en werkte op het einde van de oorlog als WAAF-officier in Mechelen. WAAF staat voor Women’s Auxiliary Air Force, de vrouwelijke divisie van de Britse luchtmacht. Ik las dat ze toen meegeholpen had aan het preventief uit de lucht schieten van de door de Duitsers vanuit Scheveningen afgevuurde V2-raketten. Ik dook vervolgens in haar memoires. Eileen stond model voor mijn vrouwelijke hoofdpersonage Kay Caton-Walsh. De dames van de WAAF probeerden in het pas bevrijde Mechelen in het grootste geheim de lanceerplaatsen van de dodelijke V2-raketten aan de Nederlandse kust te achterhalen. Telkens wanneer er een V2-raket in Londen insloeg, begonnen ze razendsnel de raketkoers te berekenen. In haar memoires schrijft Younghusband dat tijdens haar eerste dienst twee lanceerplaatsen werden vernietigd. Dat kreeg ze waarschijnlijk van haar oversten te horen, want het was propaganda. Er werd jammer genoeg geen enkele lanceerbasis uitgeschakeld.”

Uit de beschrijving van de stad Mechelen in uw boek leid ik af dat u het een aangename stad vindt.

Harris: “Ik moet bekennen dat ik er nog nooit geweest ben. (lacht) Ik was dat van plan, tot corona roet in het eten gooide. De dag dat ik een vlucht naar Zaventem wou nemen, gingen de luchthavens dicht. Ik moest me behelpen met oude foto’s en Google Maps. Van de Mechelaars krijg ik binnenkort waarschijnlijk te horen welke kemels ik geschoten heb. Gelukkig spelen veel scènes in Mechelen zich af na het vallen van de duisternis. (lacht) Scheveningen en Den Haag kon ik gelukkig wel bezoeken.”

Als we jullie romans gelezen hebben, kennen we de échte geschiedenis van Cassandra Austen en van de strijd tegen de V2-raket?

Hornby: “WO II is beter gedocumenteerd dan het leven van Cassandra Austen. Het enige echt degelijke bronnenmateriaal dat we over het leven van de gezusters Austen hebben, zijn de brieven die Cassandra niet in de fik kon steken. Doordat er samen met die verbrande brieven hele stukken uit het leven van de Austens verdwenen zijn, kon ik vaak mijn eigen fantasie de vrije loop laten. Dat was een groot voordeel.”

Harris: “Als je een historische roman schrijft over iemand wiens leven goed gedocumenteerd is, zit je gevangen in een rigide keurslijf. Hoe groter de hiaten, hoe meer vrijheid je als schrijver hebt.”

Hornby: “Ik heb niets geschreven dat niet waar is. Alles wat ikzelf verzonnen heb, had kunnen gebeuren. Want de voornaamste inspiratiebron voor mijn fantasie waren de romans van Jane Austen. Die boeken zijn meteen ook verslagen van haar eigen tijd en hoe vrouwen zoals zij die beleefden.”

Maar een historische roman is natuurlijk niet hetzelfde als de historische waarheid.

Harris: “Alle fictie is leugenachtig, al ben ik me er erg van bewust dat dat bij historische romans niet vanzelfsprekend is. Net als Gill probeer ook ik niets te schrijven wat niet had kunnen gebeuren.”

Hornby: “Het moet aannemelijk zijn.”

Harris: “Ja, en de verifieerbare feiten moeten kloppen. De geschiedenis van de V2 dateert van amper 76 jaar geleden. Er zijn nog mensen die zich de inslagen van de V2’s in Londen en Antwerpen herinneren. Het is echt niet zo lang geleden dat de ene Europese staat de andere bestookte met ballistische raketten. Er werden er duizenden afgevuurd naar Londen en Antwerpen. Ze raakten gelukkig niet allemaal doel. Veel raketten kwamen in zee terecht, of ontploften onderweg. Alle V2-inslagen in mijn boek zijn accuraat beschreven, met het juiste aantal slachtoffers en hun correcte namen.”

Uw Duitse hoofdpersonage, de ingenieur en raketgeleerde Rudi Graf, is fictief?

Harris: “Ik heb hem samengesteld uit verschillende handlangers van Wernher von Braun, de leider en bezieler van het Duitse rakettenproject. Rond de jonge Von Braun cirkelde een groep 18 à 20-jarigen die na de Eerste Wereldoorlog raketten wilde bouwen. Ze vonden een braakliggend terrein in Berlijn waar ze begonnen te experimenteren. De nazi’s kwamen aan de macht en zochten gesofisticeerd wapentuig. Wernher von Braun greep zijn kans en sloot een pact met de duivel. Hij bood aan ballistische raketten voor hen te ontwikkelen, om toch maar zijn droom te kunnen waarmaken om een raket de ruimte in te schieten. Mijn personage Rudi Graf startte zoals al die andere jonge raketgeleerden als een idealistische dromer.”

Ze eindigden als massamoordenaars.

Harris: “Ja, maar ik denk niet dat Wernher von Braun en zijn kompanen slecht waren. Stap voor stap werden ze er ingezogen.”

Een vorig jaar gestorven oom van mijn vrouw moest als krijgsgevangene meewerken aan de productie van de V2-raket in het Mittelbau-Dora-concentratiekamp in Nordhausen. Ik heb hem hallucinante verhalen horen vertellen over zijn krijgsgevangenschap. Hij had geen goed woord over voor SS-officier Wernher von Braun. Hij vond het verschrikkelijk dat die man na de oorlog door Amerika voor hun ruimteprogramma werd ingelijfd.

Harris: “Nordhausen was afschuwelijk. De rakettenbouw kostte in een paar maanden tijd twintigduizend mensen het leven, vier keer zoveel als er door V2-inslagen omkwamen. De voorbije 2000 jaar vielen nergens zoveel doden door slavenarbeid als in die ondergrondse raketfabriek. Von Braun en zijn vrienden beweerden later dat ze niets wisten van de gruwel in Mittelbau-Dora. Dat is inderdaad maar moeilijk te geloven. Ze kwamen er vaak langs, het waren immers hún raketten die er massaal geproduceerd werden. Ik denk niet dat zij ingecalculeerd hadden dat de ondergrondse raketfabriek van Dora zo’n hoge dodentol zou eisen. Maar toen de slavenarbeiders bij bosjes vielen, hebben ze nooit geprotesteerd.”

In Miss Austen zit geen enkel fictief personage à la Rudi Graf?

Hornby: “Een paar, maar die spelen slechts een bijrol. De andere leden van de familie Austen beschrijf ik zeer waarheidsgetrouw. Zij lieten nogal wat notitieboekjes en brieven na. In hun nagelaten correspondentie hebben ze het vaak uitgebreid over hun dagelijkse besognes. Van de familie Fowle hier in het dorp is minder bekend, maar toch voldoende om de karakters in mijn boek body te geven. Toms zus Mary-Jane woonde op het einde van haar leven net als in mijn boek aan het kerkhof. In het echt sliep ze ook met het pistool van haar overleden man onder haar kussen, bang om ’s nachts in het slaperige Kintbury beroofd te worden. (lacht)”

Vandaag is Jane Austen wereldberoemd, maar toen ze nog leefde, wist bijna niemand dat ze schrijfster was?

Hornby: “Ze koos bewust voor die anonimiteit. Ze publiceerde niet onder haar naam en zei nooit iets over haar schrijverschap. In een van haar bewaarde brieven vertelt ze hoe ze op een avond in 1813 haar pasverschenen roman Pride and Prejudice moest voorlezen aan de slechtziende oude vrijster miss Benn. Die had er geen flauw idee van dat ze werd voorgelezen door de auteur zelf. Miss Benn gaf luidruchtig en verontwaardigd kritiek op passages uit het boek, maar Jane las stoïcijns verder.

“De bescheidenheid van schrijfster Jane Austen staat haaks op hoe het er vandaag in de literaire wereld aan toe gaat. Zij heeft nooit een andere schrijver ontmoet. Niet dat iemand haar dat verbood; ze wou zelf een bestaan in de luwte. Ze is een genie. Ze leidde een stil, teruggetrokken leven en intussen schreef ze fantastische romans zoals Sense and Sensibility, Emma en Pride and Prejudice. Wereldwijd is ze nu terecht even beroemd als William Shakespeare.”

Harris: “Onze boeken lijken misschien erg verschillend, maar toch is er een treffende gelijkenis: we observeren allebei via omwegen een genie. Jane Austen was een geniaal schrijfster en Wernher von Braun een geniale ingenieur. De invloed van Jane op de Britse literatuur kan niet onderschat worden; zonder Von Braun had de mens nooit voet gezet op de maan.”

Hornby: “Maar genieën zouden het nooit zover geschopt hebben zonder de mensen rondom hen. Zonder Cassandra had Jane Austen misschien nooit haar boeken geschreven. Jane was emotioneel niet sterk; haar rots van een zus hield haar overeind. In onze hypergeïndividualiseerde samenleving vergeten we hoe belangrijk anderen zijn voor onze eigen ontwikkeling.”

Met Miss Austen wil u Cassandra rehabiliteren?

Hornby: “Ja. Van haar brieven aan Jane bleef geen enkele bewaard, maar er zijn er wel nog een paar van Jane aan haar. Daaruit blijkt Jane’s bewondering voor haar oudere zus Cassandra. Jane was het onzekere, gevoelige kneusje en Cassandra de knappe, zelfbewuste vrouw. Maar die rollen werden omgekeerd in A memoir of Jane Austen, een biografie die hun neef James Edward Austen-Leigh na Jane’s dood schreef. Jane was volgens die biografie altijd opgewekt en ieders favoriet, terwijl Cassandra stil in een hoekje zat te kniezen. Zo kreeg de wereld een totaal vertekend beeld van de échte gezusters Jane en Cassandre Austen.”

Veel boeken van Robert Harris zijn verfilmd, die van Gill Hornby nog niet.

Hornby: “Daar komt verandering in. Een scenarioschrijver is nu mijn boek aan het herwerken voor een zesdelige tv-reeks.”

Harris: “De verfilming van mijn debuut Fatherland vond ik een ramp. Maar over andere verfilmingen ben ik zeer tevreden, dat geldt zeker voor The Ghost Writer en An Officer and a Spy van Roman Polanski. Ik ben heel blij dat ikzelf aan de scenario’s van die films mocht meewerken. Tijdens de verfilming van Enigma door Michael Apted leerde ik toneelschrijver en scenarist Tom Stoppard kennen. Hij werd een dierbare vriend.”

Net als Roman Polanski?

Harris: “Dat was Roman vroeger toch. Door al die beschuldigingen van seksueel misbruik zit hij nu dik in de problemen. Ik heb hem de voorbije zes jaar maar twee keer vluchtig ontmoet. Onze laatste samenwerking dateert van 2014. Ik kon altijd goed met hem opschieten. Hij is een zeer getalenteerd verhalenverteller en als romanschrijver heb ik heel veel van hem geleerd.”

Hoe kritisch zijn jullie over elkaars boeken?

Harris & Hornby (in koor): “Helemaal niet.”

Harris: “Dat zou ik achteraf veel te zwaar moeten bekopen.” (lacht)

Hornby: “We zijn elkaars eerste lezers, maar niet elkaars recensenten. Natuurlijk leveren we soms kritiek, maar met mondjesmaat. De grote aanvallen laten we aan anderen over.”

Harris: “We kennen allebei de lijdensweg die schrijven soms is. Als schrijverskoppel speel je daar geen spelletjes mee.”

Zouden jullie samen een roman kunnen schrijven?

Harris & Hornby (in koor): “Nee.”

Hornby: “Als schrijvers zijn we allebei eenzaten.”

Harris: “Een roman is iets heel persoonlijks. Samen een roman schrijven, lukt niemand, zelfs geen schrijversechtpaar.”

Hornby: “Dan vergeet je Nicky Gerrard en Sean French. Als Nicky French zijn zij uitzonderlijk goed. Maar ik kan me niet voorstellen dat ik samen met Robert zit te schrijven. Ik zou last krijgen van een vorm van plankenkoorts.”

Harris: “We schrijven ook nooit in dezelfde kamer. Wel in hetzelfde huis, en dat is fijn.”

Hornby: “We brengen dan vooral veel tijd samen in de keuken door, al thee zettend.”

Robert Harris

  • Geboren in 1957
  • Werkte als journalist voor de BBC en The Observer en als columnist voor The Sunday Times en The Daily Telegraph
  • Schreef briljante bestsellers die in het Nederlands vertaald werden als Pompeii (2004), Imperium (2006), Geest (2006), Lustrum (2009), Vaderland (2012), De officier (2014), Dictator (2015), Conclaaf (2016), München 1938 (2017) en De tweede slaap (2019).

Gill Hornby

  • Geboren in 1959
  • Werkte als journaliste voor de BBC en als recensente en columniste voor The Guardian, The Times en The Daily Telegraph
  • Haar debuut The Hive werd vertaald als Het regime (2013)
  • The Times en The Observer riepen Miss Austen uit als een van de beste romans van 2020

Gill Hornby, Miss Austen, Uitgeverij Cargo, 352 blzn., 20,99 euro

Robert Harris, V2, Uitgeverij Cargo, 368 blzn., 20,99 euro

© Jan Stevens